Meneertje 385

Woensdag 20 mei 2020 Meneertje 385.

Afgelopen week moest het vrouwtje heel hard lachen terwijl er helemaal niets te lachen viel.
Waarschijnlijk lachte ze van de zenuwen want het was een uiterst gevaarlijke situatie.
Het monster had mijn vrouwtje wel aan kunnen vallen of op kunnen eten.
Het gele gevaarte zat bij onze overburen voor de deur.
Ik zag hem pas toen we terug kwamen van onze wandeling.
Toen wij boven op de patio aankwamen lagen er veel speeltje van de buurkinderen.
Daar houd ik van en soms probeer ik een bal van ze te pikken want ze hebben enorme leuke kleine plastic balletjes.
Ik leg dan altijd mijn hoofd op de bal en kijk of het vrouwtje het ziet.
Helaas ziet ze bijna alles en zegt dan: “nee Meneertje, die bal is van de kindjes”.
Nou, wij hebben toevallig hele lieve buurkindjes dus die vinden dat heus niet erg.
Die willen altijd met mij spelen en komen ook regelmatig vragen of ik buiten bij hen op de patio met een tennisbal kom spelen.

Ik holde dus vast vooruit richting ons huis om te kijken of er nog iets leuks lag om mee te spelen.
Het vrouwtje liep een eind achter mij en zag mij ineens stokstijf stil staan en hoorde me hard grommen.
Daarna zette ik het op een loeihard blaffen en zag ik in mijn ooghoek dat het vrouwtje snel dichterbij kwam.

Ik had mijn staart tussen mijn benen gestoken omdat je toevallig nooit weet of zo’n monster staarten af bijt.
Om indruk op het monster te blijven maken wisselde ik het blaffen met gevaarlijk grommen af.
Pas op vrouwtje, hier zit  een vreselijke griezel.
Het vrouwtje luisterde niet naar mijn waarschuwingen en stond ineens naast me en begon hard te lachen.
Ze zei: “wat ben je toch een bange poepsok”.
Poepsok? Dat ben ik niet want dat woord bestaat helemaal niet.
Het vrouwtje tikte met haar voet tegen het monster aan en zei: “kijk, hij doet niks”, “zijn gezicht heeft zelfs een grote glimlach.”
Ze pakte het gele monster van de grond en zei: “kijk, dit is een skippybal schat, een skippybal met een vrolijk gezicht.

 

Geen idee waar het over ging want ik was weg gerend en stond voor onze eigen voordeur.
Het vrouwtje bleef lachen en draaide de voordeur open en ik rende naar binnen.
Ze deed haar jas uit en zei dat ik een pantoffelheld was.
Ik heb echt een raar vrouwtje, laatst had ik een pantoffel vast en toen vond ze me in het geheel geen held.
Zelf vond ik het de beste uitvinding van de eeuw.
Ik had de pantoffel van de baas vast als een draagtas.
Trots als een pauw liep ik, met mijn staart kaarsrecht ophoog, met de pantoffel van de baas in mijn bek rond.

Het vrouwtje zag me vanuit haar ooghoeken voorbij wandelen en zei: “wat spook jij uit?”
Nou helemaal helemaal niks, ik liep gewoon met mijn eigendom voorbij.
Het vrouwtje was een andere mening toegedaan en vond dat ik de pantoffel moest loslaten.
Ze zei dat de baas echt niet blij zou worden als ik zijn pantoffel zou stukbijten.
Ik kreeg dus kennelijk al beschuldigingen naar mijn hoofd terwijl ik alleen maar rond liep met zijn pantoffel.

Het vrouwtje zei nogmaals dat ik de pantoffel moest loslaten en kwam naar mij toegelopen.
Ze probeerde de pantoffel af te pakken en ik greep hem nog steviger beet en holde weg.
Ik hoorde haar al mopperend zeggen: “is het nou klaar, los hoor, geef die pantoffel terug.”

 

Ineens zag ze waarom ik niet wilde loslaten.
Mijn zogoflex speeltje zat in de pantoffel en zo was het een mooi draagtasje om mijn favoriete speeltje heen.
Ook al vond ze het heel grappig, ik moest de pantoffel toch inleveren.
Echt jammer want het was een super leuke uitvinding.
Gelukkig was het tijd voor koffie met koekjes en daarna mocht ik lekker bij het vrouwtje op schoot omdat ze online ging vergaderen.
Leuk hoor luisteren naar al die stemmen.
Ik draai regelmatig mijn koppie scheef omdat ik dan denk dat ze het tegen mij hebben.

 

Het vrouwtje moet vannacht nog werken en als ze dan morgen thuis komt gaat ze niet slapen maar vertrekken we gelijk naar ons Paradijsje.
De baas en het vrouwtje zijn 5 dagen samen vrij dus dat wordt een heel groot feest.
Dat zijn de betere vooruitzichten, lekker genieten met z’n drietjes van ons eigen stekkie.

Ik ga vast goed bijslapen want dan kan ik straks weer lekker rennen in mijn bos, zwemmen in mijn eigen zwembad, spelen met een ballon en mijn vriend Guus weer zien.
Kom maar op met vijf dagen vakantie.

Meneertje 384

Woensdag 13 mei 2020 Meneertje 384

In het park waar ons Paradijsje staat, woont aan de overkant een hondenmeisje met de naam Muis.
Het is een soort klein herdershondje en tot nu toe had ik haar alleen als puppy gezien.
Toen was ze vreselijk druk en lomp, dus had ik niet zo heel veel interesse in een ontmoeting.
Zeg nou zelf, wie zit er te wachten in een paar vlijmscherpe speelse tanden in je oor of grote puppy poten die je rug als trampoline gebruiken?
Ik niet, dus ik liep er elke keer met een grote boog omheen.
Tot afgelopen weekend.
Wij waren aan het wandelen in mijn bos en ineens kwam de overbuurvrouw met Muis aan gewandeld.
Mijn vrouwtje liep aan de ene kant van het zandpad en het vrouwtje van Muis aan de andere kant van het zandpad.
Onze looplijnen zorgden er voor dat wij wel bij elkaar konden komen.
Wat een mooie dame was ze geworden en wat rook ze lekker.

Muis ging per direct op haar rug liggen en zo kon ik eens uitgebreid aan haar snuffelen.
Ze kwispelde vriendelijk en wat rook ze verrukkelijk.
Muis lag rustig en deed helemaal niet  wild meer, ze vond het allemaal prima.
Na een poosje zei mijn vrouwtje: “nou Meneertje, je hebt haar vacht er zo’n beetje af gesnoven, we gaan weer verder.”
Hoezo, we? Ze ging maar mooi alleen wandelen, ik ging absoluut niet mee, ik bleef lekker bij Muis.

Het vrouwtje probeerde haar zin door te drijven en begon te lopen.
Ik zette me schrap.
Ze lokte mij met een lief stemmetje maar ik had al besloten dat ik niet met haar mee wilde.
De lijn stond inmiddels strak en het vrouwtje zei: “dan moet je het zelf weten en liep verder terwijl ze mij achter zich aantrok”.
Ik ging er bij zitten en trok met mijn billen mooie brede sporen in het zand.
Het vrouwtje keek achterom en zei: Loop nou mee Meneertje, mensen denken dat ik je aan het mishandelen ben”
Geen idee hoe ze dit anders zou wilde noemen maar dit was toch ook gewoon wat er aan de gang was?
Ze trok mij achter zich aan terwijl er overal zand ging zitten. Vreselijk mishandeling.

Het vrouwtje van Muis zei: “ik loop wel een stukje met je mee.”
Wat een geweldig plan.
Mijn vrouwtje liep links van het pad en Muis haar vrouwtje wandelde rechts van het pad.
Muis liep in het midden op het zandpad voorop en ik er vlak achteraan, met mijn neus omhoog onder haar staart.
Het vrouwtje begon te jammeren en zei: “wat vreselijk dit tafereel”, “Meneertje loop nou eens gewoon door.”
Dat deed ik ook maar ik wilde niets van haar geur missen.
Muis vond het ook gezellig en ging er weer bij liggen.
Het vrouwtje vond dat dit niet op schoot maar die is al snel ongeduldig.
Ze pakte me op en zei; “je mag best samen lopen maar Muis gaat met haar vrouwtje aan de rechterkant van het pad en wij gaan links.

Nou, ik dacht het niet.
Ik ging aan de lijn hangen en bleef elke keer trekken richting Muis.
Muis was inmiddels weer gewoon gaan lopen en snuffelde aan het mos.
Wij liepen er volgens het vrouwtje bij alsof ze mij gekidnapt had en mij weg sleurde van mijn veilige haven.
Ze was blij dat ik een teckel was en geen Deense Dog anders had ze nu als Mary Poppins achter mij aan gefladderd.
Het vrouwtje zei tegen mij, dat wandelen zo echt niet leuk was.
Nou ik vond het persoonlijk wel een hele leuke wandeling maar ik zou het prettig vinden al ze mij los zou laten, dan hoefde ik ook niet zo te trekken.
De hele weg terug naar het park heb ik moeite gedaan om weer bij Muis te komen.
Muis liep met sierlijke tred voor mij uit en ik liep al hijgend met mijn tong ver uit mijn bek, te hangen aan mijn halsband.

Toen we eindelijk weer bij de baas terug waren zei hij: “hebben jullie lekker gewandeld?”
Het vrouwtje zei met een verhit hoofd: “we hebben slechts een kilometer gelopen en verder hebben we de grond geploegd, onkruid van het middenpad gesleept en zwaan kleef aan gespeeld.”
De baas had geen idee waar het over ging en vroeg aan mij of ik wilde ophouden met piepen bij het tuinhek.
Ik stond op mijn achterpoten rechtop tegen het hekje aan en probeerde de geur van Muis te vangen.
Het vrouwtje begon te zuchten en zei: “nu is het jouw beurt, hij heeft last van zijn hormonen en is verliefd op het over-buurmeisje, Sterkte”
De baas zei: Kom Meneertje we gaan koffie met koekjes doen.”
Mooi dat ik niet kwam, ik had het veel te druk met Muis duidelijk maken dat ik achter het hekje op haar aan het wachten was en piepte er luid op los.
Pas na lange tijd besloot ik mijn “post” te verlaten en te kijken of er nog koekjes over waren.
De rest van de tijd kwamen we Muis niet meer tegen maar ik heb het sterke vermoeden dat het vrouwtje elke keer ging wandelen als zij al uit was geweest.

Kijk wie afgelopen dagen in ons Paradijsje hebben gelogeerd. Mijn grote mensenzus en haar verloofde.

 

Ze hebben ons opgewacht. Dat is gezellig.

 

Mijn grote mensenzus knuffelen is altijd feest.
Het vrouwtje wil dat ook maar dat mag niet dus doe ik het voor haar.

 

Natuurlijk ook knuffelen met de aanstaande man van mijn grote mensenzus.

 

Als jullie straks terug komen dan is het eten klaar. Gaan jullie maar een lekkere lange wandeling maken.

Het vrouwtje ging alles uitzetten. De loungebank, het zwembad en de parasol.

Ondertussen stond de soep lekker op een laag vuurtje te trekken.

Vrouwtje ging in bad en ik speelde lekker met de hammamdoek op de bank.

Jahaaaa, ik doe heus voorzichtig.

Je mag je er heus aan afdrogen…. straks, want voorlopig is hij van mij hoor.

Koffie met koekjes maken Paradijsdagen helemaal af. Het vrouwtje gaat nu een week werken en dan kunnen we  weer terug.

Meneertje 383

Woensdag 6 mei 2020 Meneertje 283

Afgelopen zaterdag zijn we naar oma in het verpleeghuis geweest.
We mochten niet naar binnen maar het vrouwtje had knuffels bij zich en deze gingen we bij haar slaapkamer raam afgeven.
Er was één knuffel voor oma en één knuffel voor de koekjesmevrouw.

 

Het vrouwtje belde met het personeel en de verzorgster deed het raam open.
Ze pakte de knuffels en een boek voor oma en vervolgens gingen we, met het raam open, met oma praten.

 

Ik mocht ook vanaf een veilige afstand naar oma kijken.
Het liefst was ik bij haar op bed gesprongen maar dat mocht niet van het vrouwtje.

 

Helaas wisten we niet welk slaapkamerraam van de koekjesmevrouw was want ik weet zeker dat ik dan een koekje van haar had gekregen.
Misschien wel 6 koekjes want ik heb al heel lang geen koekjes van haar gekregen. Oma was blij dat ze ons even echt kon zien aan het open raam want het gaat niet zo goed met oma.
Het is natuurlijk ook heel verdrietig als je 86 bent en er mag helemaal niemand bij je op bezoek komen.

 

Na het raam bezoek aan oma vertrokken we naar het Paradijsje.
We gingen lekker een lang weekend logeren want de baas was ook 3 dagen vrij.
Het weer zat mee en dan is het dubbel zo leuk in het Paradijsje.
Allereerst moest de baas een extra bijenhotel ophangen want alle buisjes van de twee insectenhotelletjes, waren bijna allemaal gevuld.

 

De baas hing deze op en het vrouwtje ging aan de slag met het schoonmaken van de eet en drinkplaats van de vogeltjes en eekhoorntjes.
Niet omdat er net in het nieuws was geweest dat er veel pimpelmezen doodgaan vanwege een virus, het vrouwtje doet dat standaard.
Ze wil dat alles schoon is dus krijgen de schommel met voedselbak en de fontein altijd een goede poetsbeurt.
Alle vogels worden daar blij van want ze drinken uit de fontein.
En…dat niet alleen…laatst was de merel heerlijk aan het badderen in de fontein.

 

Op zaterdagavond kwamen er op een gegeven moment twee eekhoorntjes aan en ik had ze natuurlijk gelijk in het vizier.
Zolang ze in mijn bomen zitten vind ik het allemaal prima maar er word niet door die malle pluimstaarten in mijn tuin gelopen.
Ik ben altijd alert. De baas moest heel hard lachen toen ik uiteindelijk de grondeekhoorn mijn tuin uit joeg.
Het vrouwtje vind dat niet leuk en zegt dat ik heel lief moet zijn.
Dat ben ik maar er zijn grenzen. Kijk maar eens:

 

 

Opa en oma kwamen ook even langs in het Paradijsje en dat was groot feest.
Oma had in haar tas een stukje aluminiumfolie en daar had ze een plakje kookworst in zitten.
Wat heerlijk om ze beiden weer even lekker te kunnen knuffelen.
Oma ging ook nog een stukje met mij wandelen. Dat is altijd gezellig
.

 

Kijk, opa en oma zitten op de nieuwe kussens.
Daar had ik thuis goed op gepast en nu waren ze eindelijk mee naar het Paradijsje.

 

Eerder hadden we deze bruine en die gaan nu op de stoelen achter de caravan.
En, op mijn stoel want ze willen liever niet dat ik op de nieuwe kussens mijn bot ga kluiven.
Die regel was dezelfde middag al over want jullie snappen dat ik natuurlijk gewoon in de stoel naast oma wilde zitten.

 

Thuis hebben we trouwens ook kussens.
Twee hele mooie langwerpige kussens staan er op onze bank.
Ik mag niet aan die kussens komen maar op één of andere duistere wijze hebben die een enorme aantrekkingskracht op mij.
Daar kan ik niets aan doen, ze lonken gewoon altijd of ik met ze kom spelen.
Jullie snappen dat ik die roep niet  kan negeren.
Vooral als ik net gegeten heb moet ik altijd even hard aan een kussen schudden en er  in bijten.
Dat mag absoluut niet en dan roept het vrouwtje: “Meneertje NEE, het zijn NIET jouw kussens.”
Alles delen is niet echt een competentie van het vrouwtje hoor, ik woon hier toch ook?
Wat mij betreft moet je dan ook alles delen, dus zij een kussen en ik een kussen.
De baas had laatst al gezegd: “gooi die kussens overdag toch in de kast dan kan hij er ook niet mee klieren.”
Maar eigenwijs dat ze is. Echt niet normaal.
Ze zei dat de kussens op de bank bleven en ik er niet aan mocht komen en dat daarmee de kous af was.
Geen idee over welke sok ze het had maar als ze die kwijt wilde, dan mocht ze hem wel aan mij geven.
Ik ben dol op sokken.
Op een gegeven zei ze tegen mij: “waar is het kussen?”, “net lagen er nog twee op de bank en nu is er eentje weg.”
“Hoe kan dat?”

 

Ik had geen idee waar ze het over had. Ik lag op het voetenbankje en had absoluut geen kussentje bij me.

 

Het vrouwtje zocht, en zocht en zocht maar ze zag hem nergens.
Ze keek zelfs in de kast of de baas soms één kussentje in de kast had gegooid.
Dit was niet het geval en ze zei dat ze gek werd.
Nou laat ik haar troosten dat werd ze niet dat was ze al lang, dus niks aan de hand.
Ze kreeg het er warm van en deed haar badjas uit en gooide die op de bank.
Het vrouwtje ging op de grond liggen en zag ineens het kussen onder de bank liggen.
Ze rekte haar arm uit en probeerde het kussen te pakken terwijl ik haar hoorde mopperen dat ik  niet aan haar kussens mocht komen, ook niet stiekem onder de bank.

 

Het kussen lag verder onder de bank en ze kreeg hem niet goed te pakken.
Ze rekte en strekte en eindelijk had ze hem vast.
Met een rood hoofd stond ze op en terwijl ze het kussentje terug zette op de bank zei ze: “en nu niet meer aankomen Meneer de Koekepeer.”
Ik hoefde dat kussen ook helemaal niet.
Ga jij maar lekker tegen dat kussen zitten hoor, dan neem ik je badjas wel.

 

Meneertje 382

Woensdag 29 april 2020. Meneertje 382

We mogen nog steeds niks door het Corona virus maar ons Paradijsje is net als thuis.
Ook daar hebben we geen bezoek maar kunnen we wel lekker in de tuin zijn.
Het vrouwtje was helemaal lyrisch en deed samen met de baas in één dag de hele tuin. De baas ging onkruid wieden en het vrouwtje deed nieuwe planten in de potten.
Gelukkig was het mooi weer dus kon ik lekker wat zonnebaden.
Nadat alles af was wilde ze natuurlijk aan opa en oma laten zien hoe gezellig de tuin was, dus werden er druk foto’s gemaakt van alle nieuwe planten.

 

Alles was uitgestalt behalve mijn zwembad.
Volgens het vrouwtje was het daar echt niet warm genoeg voor.
Onzin want het was wel 23 graden.

 

Maar goed, ze was niet te vermurwen en zei dat ze echt even wat foto’s ging maken van de Spaanse margrietjes.

 

Ze was ook heel blij met de groei van de pioenrozen.
Twee jaar geleden had ze zaadjes in de grond gestopt en dacht dat er niks meer zou gebeuren. Maar…. ineens stond er een stapel groene stokjes met een rood streepje langs het blad, op de plek waar twee jaar lang weinig gebeurde..

 

Ook zaten er heel veel knopjes in en daar raakte ze niet over uit gepraat.
Nou mooi hoor die knopjes, zullen we dan nu koffie gaan doen?

 

Maar niks, ze riep de baas al weer.
Kom gauw kijken schat, het lijken wel diamanten. Het vrouwtje zag dauwdruppeltjes op blaadjes van de lupines.
Deze zijn nog lang niet uit maar dit vind ze ook al fantastisch.
Nou, sterkte allemaal want als ze eenmaal gaat fotograferen is er geen houden meer aan.
Gaan jullie ondertussen maar koffie zetten of want anders nuttigs doen want dat verhaaltje laat nog wel even op zich wachten op deze manier.

 

De plantjes die in de volle aarde staan moeten nog groeien maar volgens het vrouwtje komt dat helemaal goed. De bougainvillea stond er prachtig bij.

 

Ze verdween achter de caravan om te kijken hoe het met haar kleine bijenvolkje was.

 

We hebben geen kas hoor maar de bijen hebben de insecten hotelletjes gehuurd.

 

Ze bleef wel een kwartier staan kijken om te zien hoe de bijen ijverig werkten aan het opvullen van de bamboerietjes.

 

Volgens het vrouwtje is het een schattig klein volkje en daar  is ze heel erg blij mee.

 

Ze was tegen ze aan het kletsen, dat ze rustig van de nieuwe bloemen mochten genieten. Alsof bijen dat snappen.

 

Zijn we dan nu eindelijk toe aan de koffie?

 

Hoezo je wilt de vogels nog fotograferen?

 

Ik geeft het op, roep maar als we wel koffie met koekjes gaan doen.

 

Na drie weken ruzie maken tussen familie Koolmees en familie Pimpelmees hebben de koolmezen gewonnen en het vrouwtje vond dat zielig, dus nu hangt er nog een extra huisje voor de pimpelmezen bij.

 

Maar de pimpelmezen zijn niet terug gekomen dus de baas is vast voor niets op de ladder geklommen maar er valt ondanks dat, genoeg te kijken.

 

Familie Merel hebben ook een nest in onze tuin gemaakt.
Pa laat eerst zijn vrouw eten

 

Daarna gaat hij zelf eten maar hij houdt ondertussen goed zijn vrouw in de gaten.

 

Ineens hoorde ik een bekend geluid en ik rende naar het hekje.

 

Daar stond de mama van Guus. Ze kwam een botje brengen en viste mij van de grond om te knuffelen. Ze zei: “ik kan je mooi pikken want we moeten anderhalve meter afstand houden, dus het vrouwtje kan je helemaal niet terug halen.”

 

Ik kreeg een heerlijk botje en die ging ik lekker bij de baas op eten.
Samen genoten we van het laatste streepje zon in ons tuin.

 

Rond 19.30 uur gingen we naar mijn bos om te wandelen en stokken te gooien.
Dat mag want daar is namelijk ook helemaal niemand.
Of nou ja, afgelopen weekend was daar ineens wél iemand.
Heel in de verte hoorden de baas en het vrouwtje Cóóóóóópperrrrrrrrrrrrrrr, Cóóóóóópperrrrrrrrrrrrrrr, Cóóóóóópperrrrrrrrrrrrrrr.
Achter elkaar gilde iemand die naam door het lege bos en het vrouwtje zei: “Ah gossie, iemand is vast zijn hondje kwijt.”
Het roepen kwam met tussenpozen van vriendelijk naar hard, van nog harder naar wanhopig.
Mijn vrouwtje kreeg er kippenvel van maar dat was helemaal nergens voor nodig.
Terwijl mijn baas een stok weggooide schoot er vanuit het niets een foxterriër naast mij en samen holden we achter mijn stok aan.

Ik had hem het eerst maar de Foxterriër wilde hem ook en sprong enthousiast om mij heen.
De baas gooide de stok nog een keer en we holden samen achter de stok aan.
Ineens zei het vrouwtje: “dit is vast Copper.”
Ze keek onder de hond alsof daar zijn naam zou staan en schreeuwde toen loeihard: “hij is hieeeeeeeeeeeeer.”

Wat een onlogische actie.
Alsof je weet waar “hier is”  in een groot bos.
In de verte riep iemand: “FIJN, houdt u hem even vast”.
Maar dat wilde Copper niet, die wilde samen met mij spelen met de stok.
In de verte kwam een kleine hijgende man aan, die Copper bleef roepen.
Copper had alleen aandacht voor de stok en dus gooide de baas mijn stok richting de aansnellende man.

Ook heel fijn dat de baas die stok gooide want als het vrouwtje dat zou doen had ze de man een gat in zijn hoofd gegooid.
Copper en ik rende samen richting zijn baas en toen ik de stok vastgreep rende we weer samen naar de baas.
Toen bleef de baas staan en pakte de man zijn Copper en liep de weg terug waar hij vandaan kwam.
Wij liepen verder al stokken gooiend naar ons Paradijsje.
Op naar koffie en koekjes.

Meneertje 381

Woensdag 22 april 2020 Meneertje 381

Volgens het vrouwtje ben ik een hele stoere jongen aan het worden.
Worden? Ik was mijn hele leven lang al super stoer hoor.
De laatste periode ben ik veel aan het blaffen tegen grote honden, om te laten weten dat het mijn territorium is en om aan te geven dat ik sowieso de baas ben in mijn gebied.

Kijk, daar loopt weer zo’n kalf van een hond.

Die laat ik even weten dat ik hier woon. *Waf* *Woef* *Blaf*

Hoezo ik hoef niet te blaffen?

Jij zag die hond zeker niet, nou ik wel hoor.

Kom maar kijken, daar loopt hij.

Het vrouwtje kwam, maar niet om te kijken naar de grote hond maar om te zeggen dat ik echt niet naar alles hoef te wafkippen.
Zal ik dan eens wat anders leuks doen?

Hoppa, jij was opgestaan om naar mij te lopen dus…..

Opgestaan is plaats vergaan.
Gezellig zo saampjes op het balkon hé?

Het stoere zit niet alleen in het blaffen maar ook in het feit dat ik overal uren aan het snuffelen ben.
Althans, dat vind het vrouwtje maar die overdrijft graag.
Ik ruik gewoon aan elke grasspriet afzonderlijk en dat vind ik heerlijk.
Het vrouwtje is gewoon mega ongeduldig terwijl het toch echt zalig weer is om buiten te zijn.
Van de week was ik zo druk met ruiken dat het vrouwtje zich zorgen maakte dat ik helemaal nergens een plas deed.
Ze hoeft zich heus geen zorgen te maken want ik plas echt wel als ik uit gesnuffeld ben.
Na het plassen gooi ik tegenwoordig al gravend een hoop zand over mijn plas.
Heerlijk om met mijn achterpoten te graven.
Echte mannen doen dat vind ik.
Het vrouwtje moest daar om grinniken maar toen ik na 5 minuten nog steeds bezig was, schoot ze hardop in de lach en vroeg of ik een complete Vaalserberg in Veenendaal aan het maken was.
Jullie horen al dat ze totaal geen verstand heeft van graven en bergen bouwen.
De Vaalserberg krijg je echt niet in 5 minuten uit de grond gestampt dus laat mij nou maar gewoon mijn ding doen.

Zondag vertelde de baas aan het vrouwtje, toen we haar wakker gingen maken, dat hij heel hard om mij had moeten lachen.
Vrouwtje wilde natuurlijk precies weten waarom.
De baas vertelde dat ik al gravend een soort gromblaf had geproduceerd terwijl er helemaal niets of niemand was.
Het vrouwtje moest ook lachen en zei dat ik mijn stoere mannelijkheid nu ook niet hoefde te overdrijven.
Ze vind dat ik dat ook op hele ongepaste momenten doe, zoals laatst…….
Ik ging samen met het vrouwtje wandelen in het park.
Daar liep een mevrouw met een zwart hondje en hij kwam onmiddellijk kwispelend op mij af.
Toen hij aan mijn gat wilde ruiken begon ik te grommen.
Het vrouwtje zei: “doe eens niet zo onvriendelijk”.
Het hondje trok zich niks aan van mijn gegrom en bleef gezellig kwispelen.
Toen besloot ik: “als je ze niet kunt verjagen dan kun je beter met ze spelen”, en dat deed ik.
Het was super gezellig samen.

De mevrouw kletste met het vrouwtje, op gepaste afstand, over ons en na een tijdje zei het vrouwtje dat we weer naar huis gingen.
Omdat de mevrouw dezelfde kant op moest liep ze achter ons aan en haar hond liep, met een lange lijn, de hele weg gewoon naast me.
Samen liepen we richting mijn huis en toen ik er bijna was zei het vrouwtje gedag tegen de mevrouw.
De hond snuffelde aan mijn oor en ik gromde hem goedendag.
Terwijl we naar de lift liepen zei het vrouwtje: “wat ben je toch een druif, je kan zo het toneel op”.

Gisteravond had het vrouwtje mij tuk.
Grotendeels ken ik alle trucjes wel en trap ik ook eigenlijk bijna nergens meer in.
Zo wil ik nooit komen als we gaan wandelen.
Natuurlijk wil ik uit maar ze komen mij maar halen hoor.
Waar heb je anders personeel voor?
Zodra het vrouwtje roept dat we uit gaan draai ik mij behaaglijk op mijn rug en wacht tot ze me komt halen.
In het begin deed ze dat ook heel liefdevol en droeg me dan naar buiten.
Het vrouwtje was daar mee gestopt en had wat nieuws bedacht: vanaf dat moment liep ze de gang in, riep dat we uitgingen, blèrde er nog een “doeiii” achteraan, deed de voordeur open en dicht en bleef dan muisstil in de gang staan.

Uiteraard stond ik dan gelijk in de gang want ik wil natuurlijk wel mee.
Daar trapte ik een paar keer in en toen ik wist dat ze heus niet zonder mij zou vertrekken, kon ze wat mij betreft zo hard doei roepen als ze wilde, daar trapte ik niet meer in.
Ook niet in de voordeur die open en dicht ging.
Dus… toen ze gisteravond de voordeur open en dicht had gedaan bleef ik heerlijk op mijn rug liggen wachten.
Ineens werd er hard op de voordeur geklopt.
Ik schoot overeind, zette het op een loeihard blaffen en rende de gang in.
Daar stond het vrouwtje klaar met mijn riem en zei: “gezellig dat je mee gaat” en deed mijn riem om.
Het vrouwtje moest heel erg hard lachen en zei: “ja schat, wat jij kan, dat kan ik ook
Ik besloot haar volledig te negeren.
Mij had ze er heus niet mee, ik had wel zin in een langdurig grassprieten-snuffel-sessie.
We zullen eens zien wie het laatst lacht.

Meneertje 380

Woensdag 15 april 2020. Meneertje 380

 

Sinds het vrouwtje bij  https://www.dogamientje.be/nl een Zogoflex speeltje had besteld was ik verliefd geworden op dit fantastische ding.
Het is nog steeds helemaal heel en ik sjouw hem overal mee naar toe.
Het speeltje is echt niet stuk te krijgen en dat is met nog geen enkel ander speeltje gelukt.
De meesten sloop ik binnen 5 minuten en échte sterke speeltjes heb ik vaak binnen een kwartier in losse onderdelen.

 

Op de Zogoflex kauw ik al vanaf december 2019 en er zit nog steeds geen scheurtje in.
Je kunt dus met recht stellen dat de Zogoflex de teckelkeuring is doorgekomen en als redelijk onbreekbaar mag worden beschouwd.
Het vrouwtje heeft altijd kapitalen uitgegeven aan dure speeltjes die vervolgens, na kort onderzoek van mij, de prullenbak in gingen.
Doodzonde van het geld vind ze, en dat ben ik helemaal met haar eens.

 

Daarom zei het vrouwtje tegen de baas, ik bestel er nog twee Zogoflex-en bij.
De baas vroeg of ik hem toch had stuk gekregen maar het vrouwtje zei: “nee, ik bestel er nog twee bij omdat ze juist geweldig zijn”.
Het is dat de baas kaal is, anders waren zijn wenkbrauwen ver onder zijn haargrens verdwenen.
Hij wilde heel graag weten waarom er dan toch nog twee bij moesten.
Het vrouwtje zei: “eentje voor in het Paradijsje en eentje voor bij opa en oma.
Dat was een super goed idee, dan kon ze mijn favoriete speeltje nooit vergeten en heb ik overal mijn favoriete speelgoed.

 

Het vrouwtje bestelde een oranje en nog een blauwe.
De doos van Dogamientje arriveerde korte tijd later.

 

Uiteraard mocht ik ze zelf uitpakken en dat kan ik als geen ander.

 

Al snel had ik mijn nieuwe Zogoflex speeltjes uit de doos gehaald.

 

Ik wilde er gelijk mee gaan spelen maar het vrouwtje zei dat deze precies hetzelfde waren en dat er eentje in de tas ging voor in het Paradijsje en eentje in de kast ging voor als we weer naar oma mogen.

 

Ik rook dat er ook iets lekkers in zat.
Steven en Lotte hadden er drie hele lekkere kauwstaafjes in gedaan en ik kreeg er maar eentje.
Echt stom want ze waren alle drie voor mij.

 

Nou geef ze maar snel, dan hoef ik er ook niet om te zeuren.
Je hebt er hekel aan als ik zeur dus dat bespaar ik je graag.
Helaas kreeg ik er echt maar eentje.
Ik had haar gewaarschuwd en zette het op een piepen.
Het vrouwtje trok zich er niets van aan en deed de overige twee staafjes in de tas voor het Paradijsje want daar gingen we een lang weekend naar toe.

 

De volgende dag vertrokken we weer naar ons Paradijsje om er weer voor het eerst te gaan logeren.
Helemaal uitgelaten was ik.
Niks zo leuk als naar mijn eigen bos toe.
Toen we het tuinhekje opendeden was het vrouwtje ook verrukt.
Ze zag de vogels af en aan vliegen naar het nieuwe vogelhuisje.
Al was er wel grote verwarring………want, de koolmezen wilden het huisje…..

 

maar……de pimpelmezen ook.
Ze maakten elke keer ruzie.

 

Als ik hun was zou ik ophouden met piepen want daar houd het vrouwtje niet van en het levert heus geen extra wormen op.
Er hangen huisjes zat en toch wilden beide koppels precies dat huisje.

 

Om doodmoe van te worden.

 

Wat was het weer genieten in ons Paradijsje.
Op vrijdag, zaterdag en zondag was er heel veel zon.

 

Lekker in de ochtendzon op de vensterbank.

 

Het vrouwtje was helemaal blij dat de insectenhotelletjes ook verhuurd zijn.

 

Er is een klein bijenvolkje bezig en een deel van de rietstengels is al dicht gestopt.

 

De baas heeft het niet op insecten maar het vrouwtje is super blij met het nieuwe volkje.

 

De mama en papa van Guus kwamen ook nog even aan het hekje en natuurlijk bleven de baas en het vrouwtje op veel afstand. Ik niet en de mama van Guus stopte me helemaal vol met allerlei lekkers en lachte hard.
Ze zei: “gaat fijn hé Meneertje?”, het vrouwtje kan ons niet stoppen want ze mag niet dichterbij komen.

 

Guus was er niet bij dus moest ik mezelf vermaken.

 

Nee hoor, ik heb niet in de tuin gegraven.
Ik denk dat de vogels met ruzie maken zand op mijn neus hebben laten vallen.

 

Mijn grote mensenzus kwam ook heel eventjes een cadeau brengen en gelukkig gelden de anderhalve meter afstanden niet voor mij.

 

Vrouwtje was jaloers want die wilde ook knuffelen met mijn grote mensenzus maar dat mag niet.

 

Ik mag gelukkig met iedereen knuffelen wanneer ik maar wil.

 

En natuurlijk bij iedereen dutjes doen.

 

Het vrouwtje moet weer gaan werken en als ze weer vrij is gaan we lekker terug naar ons paradijsje. Want daar is het veilig en rustig.
Verplicht in de tuin blijven is niks erg hoor.

Meneertje 379

Woensdag 8 april 2020. Meneertje 379

Op zaterdag werd er bij ons aangebeld en stond er een enorme hoge doos op de deurmat.
De postbode keek vanaf een afstandje hoe de baas de voordeur opende en de doos van de grond tilde.
Volgens de baas heeft de afstand van de postbode met het Corona virus te maken maar ik weet wel beter.
De postbode meneer is gewoon een enorme angsthaas.
Het komt de postbode meneer enorm goed uit dat hij het pakje niet zelf hoeft aan te reiken want hij is namelijk doodsbang voor mij.
Dat snap ik want ik kan heel hard en stoer blaffen en als hij niet uitkijkt dan knuffel ik hem dood.
Sowieso zou ik ook meteen aanvallen op het pakket.
Ik ben dol op dozen en dit was een mega doos.
De baas zei de postbode gedag en deze ging er in een soort snel wandeltempo vandoor.
Ik sprong tegen de baas op en kwispelde heel hard.
Hij zei dat ik er af moest blijven omdat de naam van het vrouwtje op de kleurige doos stond.
Gelukkig was het vrouwtje net wakker en toen wij met de doos de woonkamer in kwamen werden haar ogen zo groot als schoteltjes.
Het vrouwtje zei:” is deze doos voor mij?
Wat een maffe redenatie, natuurlijk was deze doos niet voor haar.
Die doos was voor mij en zij mocht de inhoud hebben.
Schiet op vrouwtje, maak die doos open en haal snel de inhoud er uit, dan kan ik gaan spelen met de doos.
Ik drukte hard met mijn neus tegen de zijkant van de doos.

Het vrouwtje opende de deksel en zag een enorme bos bloemen en een joekel van een kaart.

 

Ze pakte de kaart uit de doos, deed deze open en zei toen: “kijk nou wat liefffff, het is voor mijn verjaardag”.
De bloemen met de grote kaart kwamen van Essiepessie en Miekepieke.
Dat zijn vriendinnen van het vrouwtje en ze was zo blij met de kaart en de mooie bos bloemen.
Het vrouwtje was pas morgen jarig maar op zondag komt er nooit een postbode.
Persoonlijk denk ik dat de postbode liever op geen énkele dag bij ons zou willen komen maar dat terzijde.
Nou hup vrouwtje, pak de bloemen uit de doos want anders begin ik aan de doos met het boeket er nog in.

 

Eindelijk tilde ze de bloemen er uit en vroeg ze of ik de doos wilde hebben.
Pffff het zal de leeftijd zijn want volgens mij had ik echt duidelijk genoeg laten merken dat ik al een vol kwartier op de doos zat te wachten.

 

Het feest kon beginnen en ik stortte me op de doos.

 

Niks zo lekker als een grote doos versnipperen.

 

Deze doos was een behoorlijke uitdaging omdat hij elke keer omrolde.

 

Maar ik laat me heus niet kennen hoor. Ik zal die doos klein krijgen, reken daar maar op.

 

Hoezo of ik klaar ben.
Natuurlijk ben ik nog lang niet klaar, dat zie je toch?

 

Nadat ik de doos volledig versnippert had begon het vrouwtje met opruimen.
Kon ik ondertussen mooi even lekker op haar trui liggen.

 

Ik moet dan wel goed op letten of het vrouwtje dat niet ziet want ik mag niet op haar lievelingstrui liggen.
Of nou ja,…ik mag er wel op liggen maar ik mag er niet op sabbelen en juist dat maakt het zo lekker.
De vertrouwde geur van het vrouwtje en haar heerlijke zachte trui.

 

*Sabbel* *Sop* *Sabbel*

 

Ineens zei het vrouwtje: “weet je waar jij zo naar toe mag?” “Je mag naar opa en oma”
Ik was gelijk één en al oor en wilde weten hoe lang het nog zou duren dus begon hard te kwispelen en te piepen.
Het vrouwtje pakte de bench en een extra groot bot en dat was voor mij het teken om naar de deur te rennen.

 

Ook al was het vrouwtje de volgende dag jarig, ik wilde best naar opa en oma.
Het vrouwtje moest op haar verjaardag gaan slapen en ging dus haar verjaardag helemaal niet vieren.
Ook waren er geen lekkere boodschappen voor de verjaardag in huis gehaald.
Oma en opa hebben altijd lekkers in huis en zij misten mij enorm dus was deze logeerpartij voor iedereen een feestje.
Eindelijk kon ik weer eens uitgebreid met ze knuffelen en met ze spelen.

Toen ik zondagochtend bij opa en oma wakker werd, heb ik samen met hen het vrouwtje gebeld.
Mijn jarige vrouwtje kwam net terug uit haar werk.
Opa en oma belden met beeld en gingen, Lang zal ze Leven, voor het vrouwtje zingen.
Ik zag het vrouwtje want ik zat bij opa op schoot.
Het vrouwtje ging nog even tegen mij kletsen en ik deed mijn hoofd elke scheef als ze wat zei.
Na het verjaardagsliedje en de felicitaties ging ik wandelen met oma en het vrouwtje ging slapen.
Om 17:00 uur kwamen de baas en het vrouwtje mij samen ophalen bij opa en oma en konden opa en oma het vrouwtje vanaf een afstand feliciteren.
Ik vloog naar de gang waar de baas en het vrouwtje stonden en rende in de armen van mijn jarige vrouwtje.
Ze wilden helaas niet lang blijven maar het vrouwtje heeft gezegd dat we alles gaan inhalen als het virus weer weg is.
Tot die tijd moet ik maar af en toe bij opa en oma logeren want zij missen mij en ik mis hen.
Bij oma kan ik ook veel vaker en veel beter poepen.
Het vrouwtje zegt dat zij wel weet hoe dit komt maar heeft braaf haar mond gehouden.
Wijsheid komt kennelijk toch met de jaren.

Meneertje 378

Woensdag 1 april 2020 Meneertje 378

1 april is grapjes dag maar zo grappig is het allemaal niet.
We mogen nog steeds niet naar opa en oma en ze zijn beiden bijna jarig.
We bellen ze wel heel vaak met een camera en als ik dan oma’s stem hoor dan moet ik huilen en kwispelen.
Ik ren dan naar de deur maar het vrouwtje zegt dat oma en opa niet komen maar dat we wel naar ze kunnen kijken en luisteren via de telefoon.

Gisteren reden we naar het verzorgingshuis van oma.

Ik dacht dat we naar binnen gingen, dan kon ik eindelijk weer een koekje van de koekjesmevrouw krijgen.
Maar…..we gingen niet naar binnen.
De baas nam twee tuinstoelen en belde naar het personeel.

Daarna moesten we even wachten tot zij oma voor het raam hadden gereden en gaven ze de telefoon aan oma.

Ik zag oma ook en zette het op een heel hard piepen.
Van het vrouwtje moet ik zachtjes doen omdat ze anders oma niet konden verstaan.

Oma vond het jammer dat we niet binnen mochten komen en dat vonden wij ook.
Hopelijk is het allemaal snel voorbij want ik was veel liever naar binnen gegaan.

Er mag op dit moment bijna niks en het vrouwtje zegt dat dit ook goed is.
Je moet namelijk niemand besmetten.
Gelukkig mochten we wel naar ons hutje aan zee.
Daar is helemaal niemand en als je dan toch binnen moet blijven is het veel leuker aan zee.
Want, ik moet natuurlijk wel uit gelaten worden en op het strand kan ik heerlijk los rennen en spelen met mijn bal.
Ik ken de weg als geen ander want ik kom er al vanaf mijn geboorte en ons hutje staat bijna in de duinen.
Zodra we een voet op het pad naar boven zetten begin ik aan de riem te trekken.

We moeten een klein stukje door de duin en dan staan we op het strand.
Het was prima weer.
Een zonnetje en harde wind maar dat maakte helemaal niet uit.
Het zand was helemaal zonder voetafdrukken maar daar gingen wij verandering in aanbrengen.

Altijd eerst even in de duinen mijn behoefte doen en dan mag mijn riem los en ren ik naar het strand.

Ik zie jullie zo wel.
Voor jullie je schoenen uit hebben, heb ik al wat sprintjes langs de kustlijn getrokken.
Doeiiiiii.

Eindelijk, daar zijn jullie dan.
Gooi de bal maar hoor.
En dat deed de baas,

Natuurlijk bracht ik hem elke keer netjes terug en gooide de baas de bal opnieuw.

Of nou ja, netjes terug brengen?
Het is meer omdat ik de andere bal wil.
De baas heeft altijd twee tennisballen mee en als ik er eentje heb, dan showt hij mij de andere bal en die wil ik dan uiteraard hebben.
Dus hol ik met mijn bal, laat die los en wacht tot de baas de andere bal gooit.

De wind waaide zo hard dat de tennisbal, die ik elke keer terug bracht, vanzelf weg rolde als de baas hem niet snel oppakte .

De baas kan heel goed gooien en met de wind mee, vloog de bal een heel eind weg.

Wat een heerlijk spel is dat toch.

Uren kan ik dat volhouden en het kon geen kwaad want iedereen was netjes binnen.

Wij mogen alleen naar buiten als ik moet plassen en tja, dan mag je heus wel een lekkere lange wandeling maken met twee tennisballen.

We liepen, al spelende, een eind langs de kustlijn

De wind waaide keihard en blies de zandkorrels rond mijn neus en oren.
Mij deerde dat niet maar het vrouwtje had koude voeten en wilde in de warme zon zitten.

Ze wilde bij het EHBO huisje zitten en wilde weten of je daar uit de wind zat.
Het vrouwtje moet met haar knie niet onnodig trappen lopen dus gingen de baas en ik checken

Je zat volledig uit de wind en het was zelfs warm in de zon, dus klom het vrouwtje ook de trap op.
Ze deed haar jas uit en we genoten van de warme zon.
Ik kreeg eerst water en dat was heel erg lekker.
Daarna mocht ik mijn tennisbal weer en genoten we allemaal op onze eigen manier van de zon.

Vrouwtje? Kan je even helpen?
Het vrouwtje reageerde niet en zat met haar ogen dicht.

Baas? kan jij mij dan helpen?

Kijk, de bal is per ongelijk naar beneden gevallen.

Natuurlijk wilde de baas dat wel en hij wilde ook wel met de bal spelen bij het EHBO huisje.

Jammer genoeg vonden ze het toen tijd om naar ons hutje te gaan.
Het was etenstijd en eigenlijk had ik ook best enorme honger.

De baas droeg mij naar het pad

Het laatste stukje mocht ik weer zelf lopen.

Thuis aangekomen moest ik eerst in bad.

Nadat ik mezelf in bad flink droog had geschud tilde het vrouwtje mij uit bad en droogde mij af met een grote zachte handdoek.

Daarna mocht ik in het zonnetje voor het raam even opwarmen en ging het vrouwtje douchen en de baas eten koken.

En toen was het eindelijk tijd voor mijn vleesjes.

Ik at mijn bak schoon leeg en daarna nog wat drinken en toen gingen de baas en het vrouwtje aan tafel.

Ik ging even lekker uitbuiken.
Jammer genoeg moeten de baas en het vrouwtje beiden weer werken maar van de zomer gaan we lekker weer twee weken naar ons hutje aan zee.

Meneertje 377

Woensdag 25 maart 2020. Meneertje 377

De baas stond op het balkon en ging de ramen wassen.
Geen idee waarom want het was helemaal nodig om schone ramen te hebben.
Sinds het corona virus is uitgebroken, valt er weinig te kijken.
Er zijn namelijk niet echt heel veel mensen op straat.
Echt jammer want het is super leuk om naar ze te blaffen.
Het was ook helemaal niet handig dat ramen gewas.
Mijn hele raam was door alle waterdruppels heel erg wazig en het leek alsof het keihard geregend had.

 

Ineens viel er wel wat te blaffen.
Vlak voor mijn ogen verscheen er een heel leuk wollen geval die ik heel graag nader wilde onderzoeken.
Ik begon hard te blaffen en te kwispelen.
De baas haalde hem expres voor mijn ogen heen en weer.
Dat was een leuk spel.
Het vrouwtje zei dat ik niet hoefde te gaan wafkippen omdat ik de raamwisser niet kreeg.

 

Sinds het Corona virus is uitgebroken mag je best naar buiten om even te wandelen of boodschappen te doen maar mag je niet met te veel mensen bij elkaar zijn.
In het bos zijn best veel mensen maar in mijn bos loopt bijna niemand.
Dus togen we naar het Paradijsje.

 

De baas en het vrouwtje wilde heel graag van alles in de tuin doen en hij was vorige week de hele woensdag vrij, dus dat was super leuk.
Mijn baas maakte de dakgoten van de caravan en de schuur schoon en het vrouwtje ging de hoezen soppen van de lounge set en van de kussenbak.

 

Ik nam de honneurs waar vanaf het voetenbankje op het lekkere warme vest van het vrouwtje.
De zon scheen en uit de wind was het zalig toeven.

 

De baas had zijn korte broek al weer aan.
Natuurlijk dronken we lekker koffie met luxe koekjes in het zonnetje.
Na de koffie gingen zij weer aan het werk en viel ik heerlijk in slaap.

 

Na een middag schoonmaken was het tijd voor mijn bos.
Helemaal niemand kwamen we tegen en dat is geweldig.

 

De baas zocht twee stokken en toen kon het feest beginnen.

 

Ik ben razendsnel en rende elke keer hard achter mijn stok aan en bracht hem dan heel snel terug om weer achter de volgende aan te rennen.

 

Er zijn heel veel bomen omgekapt.
Waarschijnlijk waren dat zieke bomen maar met de takken is niks mis hoor, die waren prima om mee te gooien.

 

Al kwam mijn tak tussen een berg andere takken terecht, ik wist precies welke de baas gegooid had.
Ik rende keihard heen en weer en als ik dan bij de baas terug kwam en hij gooide niet snel genoeg een stok, dan zette ik het op een blaffen.

 

Volgens het vrouwtje wafkip ik met een erg schel geluid.
Ze vind dat niet fijn omdat ik dan alle dieren in het bos afschrik.

 

Echt onzin want het is mijn bos dus mag ik zo hard blaffen als ik zelf wil.

 

Na een hele poos hing mijn tong ver uit mijn bek en zei het vrouwtje dat het tijd was om terug te gaan..

 

Ik had er nog lang geen genoeg van want ik had lang geslapen, dus kon ik nog wel een paar uur rennen.
Gelukkig bleef de baas stokken gooien tot aan het ruiterpad.
Daar moest ik aan de riem.

 

Natuurlijk nam ik mijn stok mee.
Dat doe ik altijd maar als we eenmaal bij het Paradijsje aankomen dan verdwijnt op één of andere duistere wijze mijn stok.
Ik mag hem namelijk niet hebben om op te kauwen maar de baas zegt altijd: “als we naar het bos gaan dan nemen we hem weer mee.”
Het rare is dat mijn stok dan nooit te vinden is.

 

Gelukkig heeft het bos altijd weer een hele grote lading nieuwe stokken dus maakt het ook eigenlijk niks uit.

 

Toen we terug kwamen was het een stuk frisser buiten en gingen we allemaal naar binnen.
De baas ging koken en het vrouwtje en ik zaten gezellig op de bank.

 

Zo fijn dat we al een beetje aan het seizoen zijn begonnen.
Wat mij betreft kunnen we niet vaak genoeg naar ons Paradijsje gaan.
Ik kan niet wachten tot ze de bedden gaan opmaken want dan gaat het écht weer beginnen.

 

Ik hoop maar dat het Corona virus snel weg gaat want door dat stomme virus kunnen opa en oma aankomend weekend niet mee naar ons hutje aan zee.
Wij gaan wel want of we nu daar zijn of in ons eigen huis, dat maakt niet uit en we kunnen dan wel lekker naar mijn eigen strand.
Op mijn strand is het altijd rustig.
Zelfs in de zomer zijn er niet zo veel mensen.
Wij gaan lekker wandelen en spelen en hééééél misschien wel zwemmen in zee.

Ook al heb ik heel veel zin in dit weekend, ik ben wel verdrietig dat opa en oma niet mee kunnen.
Gelukkig heeft het vrouwtje al tegen opa en oma gezegd dat ze van de zomer, als we twee weken naar zee gaan, mogen komen.
Dan blijven ze een paar dagen logeren.
Eigenlijk nog wel net zo leuk want als het mooi weer is kunnen we ook weer lekker in de tuin zitten.

Probeer, ondank alles, toch wat van elke dag te maken.
Maak er een feestje van met worstjes, kaasjes en koekjes.

Meneertje 376

Woensdag 18 maart 2020 Meneertje 376

Er is van alles aan de hand in de wereld en het Corona virus is nu ook in ons land.
Daarom kunnen we opa en oma niet zo vaak zien maar gelukkig kan ik het niet overbrengen en kan ik lekker wel naar opa en oma toe.
Ook mag ik gewoon uitgebreid knuffelen en dat vind iedereen fijn.
Afgelopen vrijdag en zaterdag was ik bij opa en oma omdat onze tuin van het Paradijsje werd klaar gemaakt voor het nieuwe seizoen.
De baas en het vrouwtje gingen al heel vroeg naar ons Paradijsje en ik kon niet mee omdat ik dan in de weg zou lopen.
Het hekje kon nu gewoon open blijven en hoefde niemand op mij te letten.
Wat mij betreft helemaal prima want al die apparaten maken enorm veel herrie en bij oma krijg ik sowieso veel meer lekkers.

Er werd keihard gewerkt. Kobus en Daan deden de heg en de baas reed alle losse rommel weg met de kruiwagen.
Het vrouwtje ging naar het tuincentrum met een plantenlijstje van de hovenier zodat ze deze later konden poten.

Na uren werk kon er een waterpas boven op de heg worden gelegd.
De mini plantjes, bolletjes en stekjes zijn allemaal gepoot.
Wat is het allemaal weer super netjes voor elkaar.

Het vrouwtje liet filmpjes van de tuin zien aan opa en oma en vroeg of ze het leuk vonden om te komen kijken. Nou dat wilde ze wel natuurlijk.
Ik reed met opa en oma naar ons Paradijsje en het vrouwtje zei: “als we allemaal afstand houden is er niets aan de hand”.

Zo gebeurde en dus konden we heerlijk genieten van de tuin.
Oma vertelde dat ik de weg herkende en hard begon te piepen toen ze het dorp in reden.
Dat dorp ligt nog best een eindje van ons Paradijsje maar ik herken heus alle bochtjes er naar toe en het bospad al helemaal.

Dank je wel voor het oppassen oma.
Ik ga straks weer met de baas en het vrouwtje mee naar huis en dan is het heel erg jammer dat je mij geen knuffels meer kan geven.
Ook geen worstjes en koekjes, dus mocht je nog wat in je zak hebben zitten dan wil ik die best hebben hoor.

Iedereen draagt zijn steentje bij in deze moeilijke tijden.
Ze zeggen dat je weerstand goed blijft als je veel beweegt.
Daar kan ik dan weer heel goed bij helpen.

Dus………rennen maar.

Oma heeft heel veel met mij gespeeld en nu mag ze lekker rusten en genieten van het voorjaarszonnetje.

Jij hoeft ook niet te rennen hoor opa, maar de baas wel.

Probeer mijn bot maar af te pakken baas.

Ik hou van heel hard rennen.

jaaaaa, daar zijn de mama en papa van Guus.

Ze mogen geen zoen aan de baas en het vrouwtje geven maar wel aan mij hoor.

Ik ben zo blij dat ik ze zie.
De mama van Guus zei dat ze heel blij was dat ze mij wel mocht knuffelen en dat ze mij heel hard gemist heeft.
Natuurlijk had ze heel veel lekkers bij zich.

Pssst, heb je nog meer koekjes bij je? Het vrouwtje blijft vanwege de Corana heel ver bij je vandaan, dus die kan nu toch niet goed opletten.

Op zondag wilden mijn grote mensen broer met zijn vriendin en mijn grote mensen zus met haar verloofde gezellig langs komen en omdat we ook die dag in het Paradijsje waren kwamen ze allemaal naar de Veluwe. Zo leek het of we er al logeerden maar dat was nog niet het geval.
Het vrouwtje zegt dat het echt nog te koud is. Gelukkig kwamen ze wel allemaal ook al was het frisjes.

Ik vind het geweldig als ze er allemaal zijn en knuffelde ze om en om.

Kom, we gaan aan tafel en ja, ik wil op schoot want het is nu veel te koud op de grond.

Ook al is het nog geen zomer, we hebben de spits van het nieuwe seizoen afgebeten.
Ik kan niet wachten tot we er weer gaan logeren.
Het vrouwtje ook want de baas heeft het vogelhuisje opgehangen en gelijk kwamen er pimpelmeesjes kijken dus ze hoopt vurig op een nestje kleine pimpelmeesjes.

Meneertje 375

Woensdag 11 maart 2020. Meneertje 375

Het is bijna zover, vrijdagavond mag ik lekker bij opa en oma logeren.
Altijd een groot feest om een nachtje bij opa en oma te mogen slapen.
Misschien heeft oma nog wat kookworst over van de trouwdag van de baas en het vrouwtje.
Gelukkig weet het vrouwtje niet dat ik daar altijd heel veel lekkers krijg.
Wel zegt het vrouwtje dat ik na een logeerpartij dat ik altijd vreselijk moet afkicken.
Dat afkicken zou helemaal niet nodig zijn als ze hier ook iets scheutiger zouden zijn met al het lekkers.
De baas en het vrouwtje gaan vrijdagavond weg en zaterdag gaan ze al heel vroeg naar het Paradijsje want dan komen de hoveniers onze heg snoeien.
Laten ze alles maar snel in orde maken want ik ben heel erg toe aan een nieuw seizoen vol luieren in de zon, genieten van mijn zwembad, spelen met mijn vriend Guus en wandelen in mijn bos.

Het vrouwtje was afgelopen week een dag lang heel bezorgd.
Ze zei tegen de baas dat ze geen idee had wat er met mij was maar dat er wel iets moest zijn.
Ik wilde niet eten, zelfs geen koekjes.
Af en toe is het zo mega onhandig om een vrouwtje te hebben die verpleegkundige is.
Ze had al in mijn oren gekeken, er aan geroken, in mijn bek gekeken, aan mijn buik gevoeld maar kon niet zo gauw iets vinden.
Urenlang lag ik op mijn uitkijkeiland, naar buiten te staren en een beetje te piepen en regelmatig stond ik bij de voordeur en wilde dan naar buiten.
Het vrouwtje dacht dat ik misschien een blaasontsteking had en lette goed op of ik kleine plasjes deed maar dat deed ik helemaal niet.

Ik trok haar naar het grasveld, stak mijn neus in het gras en bleef stokstijf staan terwijl ik de lente op snoof.
Ze zei: “ga maar plassen lieffie”.
Stttt, ik sta hier te genieten van het voorjaar, wil je mij niet storen.
Soms duurt het eeuwen voordat het kwartje valt maar uiteindelijk kreeg ze het door.
Ze zei: “je bent helemaal niet ziek, je ruikt een loops teefje.”
Sta ik hier voor gek met mijn pollepel om urine op te vangen.
Daar had ze gelijk in want ik vond het persoonlijk ook volslagen krankzinnig om te gaan wandelen met een pollepel maar ik kijk bij het vrouwtje helemaal nergens meer van op.
Als je met een plantenspuit gaat wandelen kan er ook prima een pollepel bij.
Voor mijn part nam ze de fruitschaal mee uit wandelen als ze mij maar rustig liet snuiven en snuffelen.
Wat een heerlijk grasveld, elke grasspriet rook zalig.
Het vrouwtje vond het welletjes en zei: “we gaan gewoon terug naar huis want je bent net nog uitgebreid naar buiten geweest en we blijven niet aan de gang.”
Ze ging maar alleen naar huis, ik stond hier prima en wilde lekker op het grasveld blijven snuffelen.
Zoals altijd moest het vrouwtje haar zin doordrijven en dus pakte ze mij op en droeg me naar huis.
Het vrouwtje deed mijn riem af en hing die op het haakje, daarna deed ze haar schoenen uit en begon toen te zuchten.
Ik was zachtjes aan het piepen op de deurmat en gaf aan dat ik hoognodig naar buiten moest.
Ze zei: “je kan piepen tot je een ons weegt maar het is klaar, we gaan pas over vier uur weer naar buiten.”

En jawel om vier uur mocht ik dan eindelijk uit.
Misdadig gewoon, ik had heus aangegeven dat ik echt eerder uit moest maar ze was niet te vermurwen.
Het was jammer dat ik niet hoefde te plassen anders had ik als wraak tegen de voordeur aan geplast.
Maar goed eindelijk was het dan vier uur.
We liepen onze normale route en toen we terug kwamen bij het grasveld naast ons huis wilde ik niet meer verder.
Het vrouwtje zei: “we gaan niet weer een uur aan de grassprieten vastgekleefd zitten Meneer de Koekenpeer.
Je bent uit geweest en we gaan nu terug naar huis.
Ik deed of ik naar huis liep maar sloeg toen linksaf en begon aan de wandeling die we ’s avonds altijd lopen.
Dat mocht van het vrouwtje, ze zei dat ze best nog wel een stuk wilde lopen maar dat we niet wazig naar de grassprieten gingen kijken.
Jullie snappen dat we aan het eind van het rondje wederom uitkwamen bij mijn grasveld en ik snoof nog even snel een heerlijk geurtje op en toen ineens zat ik op de arm van het vrouwtje.
Het vrouwtje was er klaar mee, ik nog laaaaaaaang niet maar we zijn het zelden eens.
Binnen plofte ze op de bank en ik keek vanaf mijn uitkijk eiland naar buiten en piepte zachtjes.
Het vrouwtje zei dat het een hele lange avond ging worden en dat ik die fluit uit mijn neus mocht halen want we gingen nog lang niet uit.
Jan en Bertus kwamen op visite en dat is fijn want dan konden die mooi met mij wandelen.

 

Bertus wil jij met mij wandelen?

 

Hoezo jullie hebben zelf honden genoeg om uit te laten?
Ik moet nodig hoor.

 

Wil jij dan met mij uit Jan?

 

Zullen we dan maar gaan spelen met mijn favoriete speeltje?

 

Ik zie hem heus wel.

 

Nu Jan en Bertus weer naar huis zijn, zullen we dan nu uit gaan?

 

Meneertje 374

Woensdag 4 maart 2020. Meneertje 374

Vandaag zijn de baas en het vrouwtje 32 jaar getrouwd.
Ik dacht, dat wordt een hééééél groot feest, dus ik zat al vol verwachting klaar en keek waar de slingers waren.
Die hingen er niet en het vrouwtje ging die ook niet ophangen.
Ze zoenden elkaar en zeiden: “waar blijft de tijd.”
Dat vroeg ik mij ook af, waar bleven de koekjes want het was al lang tijd en tenslotte ook feest.
Het duurde niet lang voor ik in de gaten kreeg dat er echt geen familie feest ging komen.
Echt stom want ik vind 32 jaar getrouwd zijn echt wel reden tot een mooi feest met koekjes, taartjes, worstjes en stukjes kaas.
Gelukkig hoorde ik van het vrouwtje dat opa en oma straks wel komen.
Zij vieren altijd alle feestjes en zó hoort dat ook.
Als opa en oma er zijn is het standaard feest, daar hoef je echt niet zoveel jaar voor getrouwd te zijn.
Oma heeft altijd koekjes bij zich en staat al in de gang klaar met een paar lekkere koekjes.
Daarna doet oma haar jas uit en mag ik heel langdurig met oma en opa knuffelen tot het vrouwtje de koffie klaar heeft.
Van het vrouwtje krijg ik dan altijd mijn drie mini koekjes bij de koffie en als ik die op heb zegt oma altijd: “van mij heb je nog niks gehad hé schatje?”
En als oma dat zegt dan is het zo.
Ja, wel in de gang maar nog niet bij de koffie hoor.
Ik kan niet wachten tot ze er zijn.

Het vrouwtje kwam vorige week thuis uit haar werk en zei tegen de baas: “de rook om mijn hoofd is verdwenen.”
De baas begreep er niets van en keek vol vraagtekens naar het vrouwtje.
Het vrouwtje vervolgde haar verhaal en zei: “de auto wilde niet starten op mijn werk en toen hij het uiteindelijk wel deed kwam er heel veel witte rook”
“Niet een klein beetje, nee onvoorstelbaar veel rook, de hele auto was omgeven door een dik gordijn van witte rook.”
Omdat er in de auto geen waarschuwing-lampje ging branden, besloot het vrouwtje gewoon naar huis te rijden.
Het vrouwtje schoot in de lach en zei: ” volgens mij denkt de volledige A12 dat er een nieuwe paus is gekozen.”
De baas kon er niet om lachen en belde met de garage waar onze auto vandaan komt.
De garagehouder wist nog niet wat het was maar wat hij wel zeker wist, dat witte rook niet heel veel goeds betekende en dat de minst erge schade rond de € 1500,00 zou kosten en in het allerergste geval, een hele nieuwe motor, rond de € 5000,00 zou kosten.
Toen de meneer van de garage een dag later terug belde, hoefde ook het vrouwtje niet meer te lachen.
We rijden nu in een leenauto en de garage gaat een nieuwe motor in de auto zetten.
Ik vind de leenauto best heel erg leuk want ik hoef nu niet op de achterbank te zitten omdat mijn autostoel in onze eigen auto zit.
Los op de achterbank vind het vrouwtje levensgevaarlijk dus dat was geen optie.
Daarom mag ik elk ritje voorin bij het vrouwtje op schoot zitten en dat is geweldig.

Deze vrije week van het vrouwtje is echt heel saai.
Het vrouwtje moet binnenkort examens doen en is veel aan het leren en heeft niet heel veel tijd voor mij.
Echt jammer en omdat ze zich daarover schuldig voelt gaat ze elke keer met mij naar buiten om met een tennisballetje te spelen.
Dat is ook terecht want ik kan er ook niks aan doen dat zij moet leren.
Het is ook goed om je af en toe even te ontspannen en natuurlijk veel te knuffelen met mij en dat kan prima tijdens het leren.
Eigenlijk is het stiekem wel oké dat het vrouwtje zich schuldig voelt want ik krijg elke dag een mooie grote ballon en normaal krijg ik die af en toe.
Ik ben dol op punch-ballonnen en kan daar uren mee spelen.
Omdat ik doorlopend op het tuitje van de ballon kauw, loopt hij na een aantal uren leeg en zo komt het dat ik elke dag met een ander kleurtje mag spelen.
Ballonnen zijn niet alleen heel erg leuk speelgoed maar ook erg feestelijk.
Ik ga nog even met mijn gele feest ballon spelen tot opa en oma er zijn, dan kunnen we lekker taart en koekjes eten en toch een beetje vieren dat de baas en het vrouwtje 32 jaar getrouwd zijn.

Meneertje 373

Woensdag 26 februari 2020. Meneertje 373

Onze cavia’s worden heel erg verwent.
Ze krijgen allerlei kruiden, elke dag heel veel soorten groenten, stokjes met blaadjes er aan, knabbel stokjes en elke avond een extraatje.
Gelukkig zijn het enorme gil biggen en zodra het vrouwtje iets voor ze gaat pakken dan maken ze lawaai voor tien.
Ik vind het fijn dat ze zo hard gillen want dan weet ik precies wanneer zij wat krijgen, en…….als dat zo is, dan wil ik ook wat.
Dat lijkt mij persoonlijk het meest eerlijke.
Elke avond eet het vrouwtje samen met ons allemaal een stuk fruit.
De cavia’s zijn dol op fruit en rennen allemaal ongeduldig voor het plexiglas heen en weer tot ze wat krijgen.
Het vrouwtje liep naar de fruitschaal en nam er een grote appel af.
Ze pakte een schoteltje en een schilmesje en ging op het voetenbankje van de baas zitten.
Dat voetenbankje staat vlak bij de caviakast zodat ze heel makkelijk wat aan de cavia’s kan geven terwijl ze verder schilt of pelt.
Ik was in diepe slaap toen alle drie de cavia’s hard begonnen te fluiten en dat werkt prima als wekker.
Natuurlijk was ik gelijk alert en ik holde van de bank naar het vrouwtje want ik wilde natuurlijk direct zien wat voor lekkers we kregen.
Het rook niet echt naar mijn favoriet maar als de cavia’s het krijgen wil ik het ook.
Het vrouwtje schilde de appel en deed een stukje appel in haar mond.
Ze zei: “oei, een klein beetje zurig deze appel.”
Het vrouwtje deelde schilletjes aan de cavia’s en zij begonnen alle drie te knisperen en te knoeperen en aten alsof ze nooit in hun leven meer iets zouden krijgen.

Ik zat naast het vrouwtje op het voetenbankje en ze zei: “dit wil jij niet moppie, deze appel is echt zuur.”
Ze pakte weer een schilletje voor Affection, dat is net een versnipper-machine.
Die pakt het schilletje aan en terwijl je naar haar kijkt zie je het schilletje razendsnel naar binnen gaan.
Cavia’s eten altijd met de snelheid van een fabrieksmachine maar Affection spant de kroon.
Al snel begreep ik dat ik echt niks kreeg en begon te blaffen.
Ik wil ook vrouwtje, ik óók.
Het vrouwtje sneed een klein blokje appel af en gaf het aan mij.
Ik nam het aan en bleef toen stok stijf zitten.
Wat een smerig stuk fruit was dit. Bah.

 

De cavia’s hadden niks in de gaten maar die eten zo snel dat ze überhaupt niet proeven wat ze eten.
Het vrouwtje bleef naar mij kijken en ik keek naar haar.
Ze zei: “nou alsjeblief dan, jij wilde toch perse een stukje? Ga maar kauwen”
Dit stuk appel was echt heel vies en daar ging ik zeer zeker niet op kauwen maar ik besloot vooral niets te laten merken en keek rustig voor me uit.

 


Ik hoorde een raar gorgelend geluid uit de keel van het vrouwtje komen en ik vroeg me af wat er te lachen viel want hier was helemaal niks lolligs aan.
Het speeksel in mijn mond was volledig in het stukje appel getrokken en de rest van mijn tong voelde aan alsof ik vier maanden niet gedronken had.
Ik besloot mijn onderkaak iets te laten zakken zodat er iets frisse lucht bij de zure appel kon komen.
Toen begon het vrouwtje te huilen en als een paard te hinniken.
Ze probeerde een zin te maken die moest duidelijk maken dat ze het stukje appel op mijn tong zag liggen.
Nou nou, wat een humor.
Pas maar op dat jij je niet verslikt in die zure appel want eten en lachen is echt geen optie.

Voor mij was de lol eraf en ik sprong van het voetenbankje.
Onderweg verloor ik het stukje appel.
Zo jammer maar als het eenmaal op de grond ligt kun je het niet meer eten.
Ze zeggen wel eens dat je van de grond kunt eten, nou bij ons thuis niet hoor.
Het vrouwtje pakte lachend het stukje appel op en zei: “ik had je gewaarschuwd dat hij zuur was”

Ik heb een nieuwe halsband van Parastoer. In december had het vrouwtje er eentje besteld en had 24 cm doorgegeven. Dat kon ook prima maar als ik dan mijn nek wat dikker maakte, dan was het toch net iets te strak. Zo jammer want ik vond het wel een hele stoere band.

 

Het vrouwtje vond dat ook en bestelde daarom dezelfde band alleen iets groter.

 

Mijn andere band is dus nog maar twee maanden oud en zonde om deze te laten verstoffen in een kastje. Dus gaan we deze verkopen.

 

Kijk, dit is ‘m. Er is vast een kaninchen met een nekopvang van 23 cm. Dan past deze band van 24 cm perfect. Dus wil jij hem kopen voor de helft van de prijs? Mail dan gerust.

 

De sleutelhanger die bij de nieuwe halsband zat is echt fantastisch. Het vrouwtje heeft deze aan de sleutels van het Paradijsje gedaan. Zo weet iedereen dat dit mijn sleutels zijn. Kom maar op met de zomer.

 

 

 

 

 

 

 

 

Meneertje 372

Woensdag 19 februari 2020. Meneertje 372

Omdat het de laatste periode heel erg slecht weer was, zijn we weinig lange wandelingen gaan maken.
Het vrouwtje en de baas wilden wel wandelen maar ik vond een snelle plas meer dan genoeg.
Volgens het vrouwtje is het super goed om een frisse neus te halen.
Ik weet niet wat zij een frisse neus noemt maar ik vond het meer een algehele amputatie van je oren.
Door de harde wind wapperden mijn flappers er bijna af en zonder oren zou ik niet meer kunnen luisteren.
Ik ga er toch van uit dat ze dit een probleem zouden vinden maar nee hoor.
Volgens het vrouwtje doen mijn oren het toch niet en deed ze op de bank mijn halsband om.

 

Ik besloot gewoon op mijn rug te blijven liggen maar ze tilde mij op en zette me op de grond neer.
Ik rekte me uit en liep richting de voordeur.
Het vrouwtje zei dat ik een grote brave jongen was.
Dat leek mij ook en ik sloeg voor de deur links af, rende terug de kamer in en sprong bij de baas op de stoel.
De baas lach dubbel maar het vrouwtje zei: “de baas gaat je niet redden, we gaan gewoon een eind wandelen”.

 

Ik zette mijn, dit-ga-je-niet-menen-blik op en keek haar doordringend aan.
Maar ze meende het wel degelijk en zei: “kom op, we gaan plassen”.
Ik drukte mijn rug steeds strakker tussen de leuning en de baas in maar het vrouwtje had er lak aan en tilde me op.
Ze zei: “als je niet zelf gaat lopen dan draag ik je wel, want lopen gaan we.”

 

Ze kan wel standaard denken dat ze gaat winnen maar dan kent ze mij nog niet.
De hoogste tijd voor een mooie competitie.
Het vrouwtje zette mij bij het grasveld op de grond, ik plaste snel en ging toen als een sjiek standbeeld staan en bewoog geen spier meer.
Ze schoot in de lach en zei dat ik zo als wassen beeld in het museum zou kunnen pronken maar dat ik daarvoor nog écht niet beroemd genoeg was.
Het vrouwtje stond een eind verderop en zei met een hoog stemmetje: “kom dan, kom bij het vrouwtje”.
Ik keek stoïcijns voor me uit en was niet van plan me door wat of wie dan ook van mijn plek te laten krijgen.
De buurman en buurvrouw, die beneden wonen en in hun tuin aan het roken waren, schoten beiden in de lach.
Het vrouwtje moest ook lachen en liep maar mij toe.
Ze tilde me van de grond, droeg mij een stukje verder en besloot me daar weer op de grond te zetten.
Het vrouwtje zei: “toe maar schat, we gaan nog even plassen”, ik keek naar de stam van de boom en hoorde de buren steeds harder gaan lachen.

Ik snapte wel dat ze mijn vrouwtje hard uitlachte want dit sloeg toch nergens op.
Mij een beetje van plek naar plek tillen terwijl ik al lang besloten had dat ik verder niks ging doen.
Uiteraard had ik mijn plannetje klaar en besloot dat ik richting boom ging lopen.
Tevreden met haar overwinning liet het vrouwtje mijn looplijn vieren en toen rende ik keihard terug richting de buren, die inmiddels dubbel gevouwen over hun tuinhekje hingen.
Net toen ik dacht dat we echt richting huis gingen lopen tilde het vrouwtje mij weer op en liepen we een heel eind weg van huis.
Het waaide keihard en ik hoorde haar nog net iets triomfantelijks zeggen als: “zó, ik win dit keer.”
Nou ze won helemaal niks want ik wilde hier toevallig best lopen want ik moest nog steeds poepen.

Na een lange tijd snuffelen hoorde ik het vrouwtje zeggen dat ze het koud had en graag terug naar huis wilde.
Rustig vrouwtje ik moet eerst een goed plekje zoeken om mijn behoefte te doen.
Toen we thuis kwamen stond het haar van het vrouwtje in standje Storm Dennis en zei de baas: “Meneertje had dus toch wel zin in een lange wandeling?”
Het vrouwtje zei helemaal niets maar keek met een rare blik en haar verwaaide haren naar de baas en ik hoorde hem zeggen: “oké oké, ik snap het al”
Zo handig dat je elkaar ook prima begrijpt als je niets zegt.
Ik zei ook niets maar had best zin in een stukje kaas en besloot bij de koelkast te gaan kwispelen.

Helaas begreep ze die hint dan weer helemaal niet maar ik was door de frisse buitenlucht wel weer helemaal vol energie en greep mijn Zogoflux.
Wat een fantastisch speeltje en hij is nog steeds helemaal ongeschonden en dat is heel erg bijzonder.

 

Ik kauw er namelijk flink op en normaal gesproken gaat alles dan heel erg snel stuk.
In december bestelde het vrouwtje een verrassingspakket bij https://www.dogamientje.be/nl
De doos zal vol met heel veel speeltjes waarvan dit er ook eentje was.
Alles is nog heel maar ik was op slag helemaal verliefd op de Zogoflux en dat ben ik nog steeds.
Je kan er leuk samen mee spelen, de baas en het vrouwtje gooien hem dan weg en ik ren er achter aan.
Als ik er alleen mee moet spelen dan kauw ik er op.
Ik hoorde het vrouwtje, tegen Steve van Dogamientje zeggen, dat ze mij niet gaat vertellen dat er ook wat in kan.

 

Geen idee waar dat precies over ging maar ik hoorde de baas pas tegen het vrouwtje zeggen dat hij smeerpaté had mee genomen.
Het vrouwtje zei dat hij dit beter niet kon doen omdat het nu een leuk speeltje was en zij haar meubels niet smerig wilde hebben.
Ze houdt niet van smerig en ik snap ook niet dat de baas iets heeft gekocht met de naam smerig.

 

Ik ga nog even lekker op mijn mooie Zogoflux kauwen en hopelijk besteld het vrouwtje een oranje voor in ons Paradijsje.
Genieten jullie nog even van wat foto’s want als ik los mag hollen dan maakt het mij niks uit of het waait of regent.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Meneertje 371

Woensdag 12 februari 2020. Meneertje 371

Het vrouwtje is BIG geregistreerd.
Geen idee wat het betekend maar het heeft vast iets te maken met het feit dat ze knort als ze lacht.
Elke twee jaar moet ze examens doen om geregistreerd te blijven en kennelijk waren die twee jaar al weer om en moest ze weer alle protocollen oefenen voor dit jaar.
Ze haalde van boven een grote Curver bak en deed deze open.
In de bak zaten allemaal materialen die ze een jaar of 15 geleden in elkaar geknutseld had om daar mee te trainen.
Ik zag hoe ze een kartonnen doos tevoorschijn haalde met een fles er aan vast.
Wat een geweldig stuk speelgoed, die wilde ik wel hebben.
Ik begon hard te blaffen maar het vrouwtje zei dat ik mocht stoppen met wafkippen en dat ik haar oefendoos niet kreeg.

 

In korte tijd lag het aanrecht vol waarbij de doos een man moest voorstellen die een verblijfskatheter moest krijgen.
Nou is tekenen en boetseren niet echt de competentie van mijn vrouwtje maar als deze doos met fles een man moest voorstellen, dan ging er iets echt helemaal fout.
Volgens het vrouwtje gaat het niet om mooi maar om functioneel.
Ik vind een doos met een fles er aan ook enorm functioneel maar niet als hij op het aanrecht moet blijven liggen.
Daar kon ik namelijk super leuk mee spelen.

 

Ik wilde het graag van dichtbij bekijken en sprong tegen het vrouwtje haar been op.
Kom, til me op dan kan ik even op onderzoek uit bij alle spullen die op het aanrecht liggen.
Ze zei: “nou, kom maar even kijken, dan kan ik zo in alle rust gaan trainen.”

 

Ze zette me op het aanrecht en ik snuffelde aan alle spullen.
Er lagen twee plastic slangen, bakjes, allerlei witte lapjes, de doos die ik zo graag wilde hebben en nog veel meer spullen waar ik me prima mee zou kunnen vermaken.
Ze had de keukenla open getrokken en daar een steriel werkveld van gemaakt.
Ik was klaar voor de training en sprong op de steriele doek en greep een handschoen.
Het vrouwtje pakte me vast en zei: “los, ik heb maar één setje en die moet nog heel lang mee.”
Wat een onzin, als ze al zolang dienst deden waren ze hoognodig aan vervanging toe.
Blaas ze maar op vrouwtje dan heb ik een ballon met vingertjes.
Ze vouwde ze weer netjes in model en legde ze terug op het steriele werkveld.
Ze mopperde dat er nu gaatjes in zaten en dat ik zuinig moest doen met haar spullen.

 

Als je de slang uit deze fles haalt mag ik dan de doos?
Ik heb nog nooit een doos met een fles er aan vast gehad om mee te spelen.
Helaas ging ook dat niet door terwijl ook die doos echt aan vervanging toe was.

 

Als ik dan toch niets kreeg konden we net zo goed starten met de protocollen.
Het protocol begon met handen wassen en daarna moest er water uit een flink stromende kraan over leuke witte lapjes heen.
Ik probeerde een slok uit het bekkentje te nemen maar het vrouwtje trok hem snel weg.

 

Even wachten vrouwtje ik moet eerst nog controleren of het wel echt een goed stromende kraan is.

 

*Slurp* *Slorp* Volgens mij stroomt de kraan perfect hoor.

 

Gezellig zo samen trainen toch? Zullen we dan nu aan de koffie met koekjes gaan?
Het vrouwtje beloofde dat we dat gingen doen als ze klaar was maar eerst moest ik op de grond en ging ze spelen met alle materialen die op het aanrecht lagen.

 

Ik stond naast haar op de grond en ik zag ineens een emmertje hangen.
Het vrouwtje had spullen zat, dus leek het mij dat ze dan op z’n minst dat emmertje wel aan mij kon geven.
Ze wilde dat niet omdat dit haar afvalbak was.
Hoezo je gebruikt hem als afvalbak?
Als je het kastje opendoet kun je de echte prullenbak gebruiken en deze aan mij geven.
Jullie snappen al dat ook dat niet door ging.
Net toen het vrouwtje steriel stond ging de bel.

 

Wat een geweldige timing, ik was dolblij want ik rook al lang wie er voor de deur stonden.
Dat waren mijn grote mensenbroer en zijn vriendin.

 

Superblij dat ze er weer waren rende ik van de één naar de ander.
Ik vloog in de armen van mijn grote broer en moest huilen van blijdschap.
Het vrouwtje gooide alle spullen terug in de Curverbak en kwam ze beiden begroeten met een dikke zoen.

 

Mijn grote mensenbroer woont al weer bijna een jaar in zijn eigen huis maar ik mis hem natuurlijk wel.

 

Ik knuffelde ze om en om en kreeg natuurlijk alle aandacht van de wereld.

 

Ze bleven ook gezellig mee eten bij ons.

 

Van mijn grote broer mag ik best met de kussens spelen maar het vrouwtje begon gelijk te zeuren.

 

Riri zeg maar tegen het vrouwtje dat je koffie wilt……….met koekjes.
Het vrouwtje bracht koffie met chocolaatjes en ik kreeg koekjes.
Ze bleven heel lang en dat was super gezellig.
Rond 20.30 uur gingen ze naar huis.
Altijd jammer maar ze komen vast weer snel langs.

 

 

Meneertje 370

Woensdag 5 februari 2020 Meneertje 370

 

De baas heeft voor zijn verjaardag een nieuwe poef gekregen.
De andere poef die hij eerder had gekocht was meer geschikt voor mij.
Zodra ik er op lag kon de baas zijn voeten niet meer kwijt en hij moest ze dan op de leuning leggen.
Kennelijk vond hij dat niet lekker liggen dus wilde hij een grotere poef.
Deze poef is niet zo kleurrijk maar wel heel veel groter, ik vind het dus een hele goede keuze.

 

Het is een heerlijke voetenbank, ik kan er languit op liggen maar het is ook een prima uitkijk plek naar de keuken toe.
Ik vind echt dat we beter kunnen ruilen dan kan de baas zijn oude poef pakken en dan neem ik deze.

 

De baas wil niet ruilen en hij vind ook dat ik niet met mijn bot op zijn nieuwe voetenbank mag.
Echt belachelijk want ik heb heus net zoveel rechten en omdat ik gewoon elke keer terug kwam met mijn bot, kwam er een schapenvacht op de voetenbank.

 

De baas wil er namelijk geen vlekken op.
Prima hoor ik lig ook heerlijk op een schapenvacht. Je mag rustig je voeten op het randje leggen hoor baas, daar heb ik helemaal gaan last van.
Echt fijn zo’n nieuwe voetenbank.
Ik ben blij met zijn verjaardagscadeau.

 

Tegenwoordig doe ik elke dag een rondje kast.
Ik bedoel niet dat ik tegen de kast plas hoor.
Nee, ik wil gewoon elke dag weten wat er bovenop de kast ligt.
Mijn balletje beland namelijk regelmatig op de kast.
Als ik te vaak mijn bal ergens onder neus dan gaat, na heel veel hengelpogingen van mijn vrouwtje onder de caviakast, mijn bal er boven op en krijg ik iets anders om mee te spelen.
Vaak vind ik dat geen probleem en de volgende dag weet ik heus waar mijn bal is gebleven.

Een tijd terug, toen ik dacht dat mijn bal op de caviakast lag, tilde de baas mij op, zette mij op de kast en zei: “kijk maar, hier is hij niet.”
Daarna tilde hij me naar de vissenkast en ook daar mocht ik snuffelen.
Vervolgens liep hij met mij naar de keukentafel en zette me op het blad neer.
Op het tafelblad staat aan de linkerkant van alles, mijn koekjes, de lenzen van het vrouwtje, vazen, biertjes en van alles en nog wat.
Eigenlijk kunnen ze het beter de rommelplank noemen maar de baas en het vrouwtje noemen het de keukentafel.
Ik liep rond op de keukentafel en snoof eens overheerlijk aan mijn koekjespot en duwde er een paar keer tegen aan.
De baas zei: “wil je een koekje dan?”
Dat wilde ik wel en nog voordat de baas mijn koektrommel open had hoorde ik vanuit de woonkamer de stem van het vrouwtje” “niet slim schat, echt niet slim ik wens je veel sterkte met je dagelijkse rondje keukentafel”.
Kijk, dat vond ik dan persoonlijk wel weer een slim idee van het vrouwtje en besloot dat ik vanaf dat moment elke dag een rondje kasten en keukentafel wilde doen.
Ideaal om tijdens het zoeken naar mijn balletje ook even een koekje te nemen op de keukentafel.

Helaas heeft de baas niet altijd zin om mij op de kasten en keukentafel neer te zetten dus heb ik daar de ultieme manier voor gevonden.
Ik spring op de stoel en begin daar te blaffen.

 

Vaak zegt de baas dan nog dat ik zelf moet gaan spelen maar als niemand reageert dan klim ik helemaal boven op de leuning van de stoel en jawel, dan reageren ze wel hoor.
Ze zijn veel te bang dat ik naar de beneden val. Dus loopt meestal de baas een rondje kast.
Helaas is het afgelopen met het koekje en dat is dan weer de schuld van het vrouwtje.
Echt jammer want zelf neemt ze wel allerlei koekjes als ze daar zin in heeft.

Hoezo ik scheur je vest uit?

 

Dan moet je minder koekjes eten want ik ben broodmager.
Dus als jouw vest te strak zit dan is dat zeer zeker niet mijn schuld.

 

We kunnen natuurlijk wel even leuk met mijn bal spelen, dan pas je straks weer beter in dat vest.

 

Nou, kom hem pakken dan.

 

Te laaaaaaat

 

Als je dit slakken tempo aan blijft houden dan krijg je hem nooit te pakken hoor.

 

Van de week kwam Esther langs.
Ze kwam mijn boek zelf ophalen want ze wilde graag een originele handtekening van mij.

 

Nou die kon ze krijgen in de vorm van heel veel knuffels.
Voordat ze koffie kon drinken had ik haar helemaal suf geknuffeld.

 

Jammer genoeg zei het vrouwtje op een gegeven moment dat het genoeg was omdat Esther ook een kopje koffie wilde drinken.
Gelukkig was dat met een koekje en hoe leuk knuffelen ook is, er gaat helemaal niks boven een lekker koekje.

Meneertje 369

Woensdag 29 januari 2020. Meneertje 369

Sinds ik ouder ben geworden helpen ze me steeds minder.
Als puppy kon ik honderd keer mijn bal, speeltjes of botten ergens onder duwen, dat vonden ze geen enkel probleem.
Met alle liefde doken ze voor mij onder de bank, onder de kasten, onder de salontafel, onder de verwarming en raapten ze met plezier mijn bot op als deze van de bank op de grond viel.
Ik hoefde daarvoor slechts een kort piepje te geven en ze vlogen voor mij.
Helaas is die luxe wel een beetje over.
Mijn vrouwtje is ronduit lui en niet erg gewillig meer als het gaat om mij helpen.
Ze heeft van alles bedacht om mij niet te hoeven assisteren.

Zo heeft ze allerlei dingen onder de kast gezet zodat ik er onmogelijk iets onder kan schuiven.
De bank heeft ze vervangen voor een hele hoge bank waar ik gewoon onderdoor kan lopen en zodra ik met mijn bot langs de salontafel loop zegt ze gelijk, nee nee Meneer de koekepeer, we gaan geen bot onder de tafel neuzen.
Ook de bot van de bank laten vallen heeft niet langer resultaat. Piepen en zelfs blaffen helpt niet.
Ze geeft me gewoon een duwtje richting de rand en zegt dan dat ik hem zelf maar moet gaan pakken.
Nou, als ze wil dat ik een hernia krijg moet ze vooral zo doorgaan.
Heel slecht voor mijn rug om zelf dingen te pakken.
Ze denkt heel erg creatief te zijn maar dat ben ik ook.
Dus sta ik sinds kort weer een flinke punt voor.
Hoe?

Nou dat ga ik jullie vertellen.
Ik heb een heel mooi uitkijkeiland en deze hangt boven de verwarming en steunt op de vensterbank.
Zodra ik op mijn uitkijkeiland sta en op de juiste plek helemaal links wat laat vallen, aan de zijkant van het uitkijkeiland, dan komt het op de verwarming terecht.
Mijn nek is net niet lang genoeg om daar bij te kunnen en het is dus echt levensgevaarlijk om die zelf te pakken.
Als ik van het eiland afschiet en op de verwarming kletter dan breek ik mijn rug en dat zou vreselijk zijn.
De eerste keer had het vrouwtje dat niet in de gaten en hoorde ze alleen een boink.
Ze keek naar mij en zei: “ga hem zelf maar pakken hoor, je kunt met de trap naar beneden, en je bot dan zelf van de grond halen.”
Ik begon te blaffen want mijn bod lag helemaal niet op de grond maar op de verwarming.
Het vrouwtje zei: “stop met wafkippen, ga van het trapje en haal hem zelf.”
Ze snapte er helemaal niks van en ik zette een harde lange ademblaf in.
Het vrouwtje keek naar mij en zag hoe ik helemaal over de rand voorover boog met mijn hoofd ver naar de beneden.
Dat werkte, ze vloog overeind en zei dat ik niet zo vreselijk gevaarlijk moest doen.
In twee stappen stond ze naast me en duwde me terug op het uitkijkeiland.
Toen zag ze mijn bot op de verwarming liggen en zei: “ahhhh je kon er niet bij”
Ze pakte het bot en gaf hem aan mij terug.
Terwijl ze weer op de bank ging zitten hoorde ze opnieuw een boink.

Het vrouwtje keek naar mij en zei: “dit ga je niet menen hé!”, “zeg me dat je niet een nieuwe manier hebt bedacht om mij voor je te laten lopen.”
Nou, ik vond het erg knap van mezelf want het is nog helemaal niet zo makkelijk om mijn bot precies op het smalle stukje van de verwarming te laten vallen.
Dat vereist echt timing en precisie.
Meestal als ik het bot laat vallen komt hij gewoon op de grond terecht maar met wat oefenen had ik nu de juiste plek ontdekt om hem los te laten.
Het kost wat moeite maar dan heb je ook wat.

We zijn afgelopen weekend naar het Paradijsje geweest om de eekhoornnestkasten op te hangen.

 

Het vrouwtje hoopt op eekhoornbaby’s en wilde dat de baas ze nu ging ophangen zodat ze er van de winter een fijne schuilplek hebben.

 

De baas klom heel hoog op de ladder en ik kreeg een ballon.

 

Terwijl de baas de nestkasten ophing, holde ik in de tuin.

 

Het vrouwtje maakte zich een beetje zorgen om de eekhoornhuizen.
Er zaten namelijk drie vluchtgaten in waarvan eentje in de bodem.

 

Lijkt mij geen probleem want de makers zullen daar vast goed over na gedacht hebben toch? Toch wilde het vrouwtje voor de zekerheid een extra plankje onder de eekhoornkastjes.

 

De baas stond toch al op de ladder dus dat was een kleine moeite.

 

Na een poos hingen er twee eekhoornkastjes met een plankje eronder, een nieuw knabbelhuisje, een kokosnoot met een vetbol erin, een extra haak waaraan een grote eikel van ijzer kwam met daarin nootjes.

 

Het vrouwtje keek tevreden naar boven en zei dat het helemaal was zoals ze hoopte. Gelukkig werden niet alleen de eekhoorntjes verwend want toen we klaar waren gingen we naar Guus en daar ben ik natuurlijk heerlijk verwend door zijn mama. Zij had koffie met koekjes. Heel veel koekjes.

 

Mijn nieuwe boek is er en wat ben ik trots.
Alle boeken zijn onderweg naar de mensen die hem besteld en betaald hebben.
Heel veel boeken zijn verkocht maar er zijn er nog een aantal over voor de mensen die alsnog een boek willen bestellen.
Ik kreeg ook 28 aanvragen voor het eerste boek.
Maar het was een limited edition en daar komt écht geen herdruk van.
Ook niet van dit boek, dus heb je er nog geen en wil je er wel graag eentje hebben, dan zou ik niet heel lang wachten.

 

Meneertje 368

Woensdag 22 januari 2020. Meneertje 368

Als het vrouwtje net wakker is wil ze niet meteen met mij spelen.
Ze moet dan eerst even wakker worden. Ik heb daar geen last van hoor.
Zora ik uit mijn bed spring ben ik wakker en begint mijn dag bruisend en vol energie.
Het vrouwtje is meer een krokante soepstengel en het duurt even voordat al haar spieren zin hebben om achter mij aan te rennen.
Het is dus een kwestie van goed volhouden en haar veel speelgoed aanbieden tot ze uiteindelijk helemaal wakker is.

 

Ze wil altijd eerst ontbijten en sinds kort noemt ze me Kaasknuffelaar.

Eerst noemde ze mij Knuffelbuffel
En dat klopt als een bus want ik houd enorm van knuffelen.
Zodra ze gaat zitten kruip ik op haar schoot en klem ik mijn pootjes om haar nek.
We genieten daar beiden van.
Maar we hadden het over kaasknuffelaar en dat slaat helemaal nergens op want ik heb nog nooit met een plak kaas geknuffeld.
Het vrouwtje zegt dat ik deze naam heb gekregen omdat ik vooral tijdens haar ontbijt wil knuffelen.
Eigenlijk mag dat niet maar als ze net wakker is en ze zit op de bank met haar beschuitje kaas, dan kruip ik er toch bij.
Voordat het bij haar dan doordringt dat ik er bij ben gekropen is het al te laat want als ik eenmaal zit, dan blijf ik zitten ook.
Het is tenslotte toch ook veel gezelliger om samen te ontbijten?
Tijdens het ontbijt zit het vrouwtje met haar rug tegen de zijleuning en heeft ze haar benen op de bank.
Haar bord zet ze dan boven op de leuning zodat ze er makkelijk bij kan.
Zodoende is er plek zat voor mij om op schoot te kruipen tijdens het ontbijt.

Die naam kaasknuffelaar heb ik gekregen omdat ik mijn kop tegen haar gezicht aan druk en dan vervolgens mijn snuit richting haar beschuit met kaas draai.
Vrouwtje denkt dat dit de enige reden is dat ik op zo’n moment met haar kom knuffelen maar dat is echt onzin.
Wij teckels moeten gewoon standaard alert zijn voor het geval er ergens geknoeid wordt. Het is juist super attent van mij.
Laat je alle kruimels liggen, dan krijg je ongedierte en dat moeten we niet hebben.
Daarom let ik altijd heel goed op maar dat knuffelen is ook gemeend hoor.

Dat ik op de bank zit vind het vrouwtje prima maar ik mag niet aan de kussens komen. Daarom legt ze die altijd op de leuning van de bank als zij er niet tegen aan zit.
Echt raar want ik heb net zo goed recht op de kussens.
Volgens het vrouwtje bijt ik er gaten in maar dat is bij deze kussens nog nooit gebeurd dus eigenlijk oordeelt ze onterecht.

 

Maar goed, als zij de kussens boven op de leuning wil leggen dan moet ze dat lekker doen.

 

Ik zorg heus dat ik lekker kan liggen. En zeg nou zelf, ik lig toch heel erg braaf? Mocht het per ongelijk fout gaan….het zijn gewoon simpele IKEA kussens dus kan ze gewoon nieuwe halen.

 

Nee nee, dit is niet het kussen maar een sjaal van het vrouwtje.

 

Die hing over de leuning van de keukenstoel en viel spontaan op de grond toen ik er aan rook.

 

Een sjaal hoort niet op de grond dus heb ik hem meegenomen naar de bank. Hij is heerlijk zacht en fluffie.

 

Omdat ik deze vast niet mag houden heb ik hem vast meegenomen naar de leuning van de bank. Daar liggen tenslotte de spullen die ik niet mag hebben.

 

Ik ga er, tot het vrouwtje hem afpakt, nog even heerlijk mee miemelen.
Geen idee wat dat inhoudt maar het vrouwtje noemt dat zo.

Het bankpasje van het vrouwtje moest vervangen worden en het vrouwtje zei dat er nu een foto van mij op de bankpas mocht.
Op de oude bankpas stond een foto van twee van haar cavia’s.
Dat vond ze ook een geweldige foto maar op haar nieuwe pas wilde ze wat anders.

Aangezien Anoula van Jaggies Pawprint geweldige foto’s had gemaakt voor mijn boek, was er keuze genoeg.
Ze koos een foto waar ik achter een boom zat en afgelopen zaterdag kwam die pas binnen.

 

De bankpas is heel erg mooi geworden en het grappige is dat ze deze in haar telefoon bewaart op de plek waar precies een kijkgaatje zit en daar kijk ik dan door heen.
Alsof de foto er voor gemaakt is.

 

Wat er zaterdag ook binnenkwam was een hele grote doos.
In de doos zaten twee eekhoorn nestkasten. Deze nestkasten gaan we aankomende zaterdag ophangen in ons Paradijsje.

 

We gaan dan natuurlijk ook bij mijn vriend Guus langs en dat is altijd reden voor een feestje.
Ik verlang zo naar de zomer, dan kunnen we weer heel vaak spelen en lekker genieten van de zon en ons zwembad.
Op dit moment is het nog veel te koud.

 

Dat is eigenlijk klinkklare onzin want er zit een prima verwarming in onze caravan en daarmee kun je het heel lekker warm maken.

 

Wat mij betreft dus geen enkel probleem maar het vrouwtje maakt al heel snel problemen en zegt dat haar billen ’s nachts aan de wc vastvriezen als het zo koud is.
Daarom gaan we er pas in het voorjaar weer slapen.

 

Het vrouwtje is heel benieuwd hoe het met onze nieuwe laurier heg gaat.
Deze is in maart 2019 gepoot en gaat dit jaar voor het eerst gesnoeid worden
Ze heeft ook al weer een zakje met zaadjes voor de insectentuin en die moeten natuurlijk ook gepoot worden maar nu nog niet, pas na de ijsheiligen.
Nu gaan we alleen om de eekhoorn nestkasten op te hangen en de eekhoorntjes en de vogels te voeren.
En natuurlijk op visite bij Guus.

 

Het vrouwtje heeft trouwens gehoord dat mijn boek eind van de maand zeker binnen is.
Ze gaat ze dan gelijk versturen en zo heeft iedereen het boek uiterlijk 4 februari binnen.
Gisteren hebben we alle enveloppen gecheckt en alvast overal een boekenlegger in gedaan.

 

Er zijn mensen die meerdere boeken hebben besteld. Een meneer heeft er wel vier besteld en die gaan allemaal naar België.
Oma heeft er vijf besteld en een heel aantal mensen hebben er twee besteld.
Nog een dikke week en dan is het zo ver. Mijn nieuwe boek.

 

Nu gaan we eerst even een rondje lopen.
Tenminste als het vrouwtje alle poepzakjes heeft opgerold.
Ik snuffel ondertussen wel even tot ze helemaal klaar is. Tot volgende week.

Meneertje 367

Woensdag 15 januari 2020. Meneertje 367

Meestal kookt de baas maar een enkele keer kookt het vrouwtje zelf en ik ben groot voorstander van een vrouwtje die kookt.
Voordat half Nederland over mijn mannelijke kijk op vrouwen heen valt….ik bedoel niet dat àlle vrouwen standaard moeten koken maar vooral mijn vrouwtje.
De baas is een topkok en daarom voor mij totaal onbruikbaar in de keuken.
Vanzelfsprekend gaat mijn voorkeur dus naar het vrouwtje uit en zo stonden we saampjes in de keuken voor een ovenschotel macaroni.
Het vrouwtje maakt die altijd zoals oma dat vroeger deed. Ze vind het heerlijk en het doet haar denken aan haar jeugd.

De baas houdt meer van hele gevulde volkoren macaroni met veel groente en mager gehakt. Hij lust vooral geen Smac.
En juist dàt gebruikt het vrouwtje in de ovenschaal.
Hele witte macaroni, kleine blokjes smac er in en dan gaat er een dikke laag pasta kaas op.

Dus kookt de baas, op een macaroni dag, altijd tussen de middag gevulde macaroni met een groente bite en als de baas dan werken is, kookt het vrouwtje ‘s avonds “Oma’s-Smac-macaroni.”

Terwijl de macaroni op de inductieplaat stond te borrelen pakte ze uit de voorraadkast een blikje Smac.
Ze trok het ijzeren dekseltje eraf en probeerde de inhoud op de snijplank te schudden.
Het stuk Smac had weinig zin om in blokjes gesneden te worden dus bleef hij lekker in het blik zitten.
Het vrouwtje was inmiddels lichtelijk geïrriteerd en schudde keihard met het blikje, ondertussen mopperend op het blok Smac dat zich niet wilde verroeren.
Ze schudde of haar leven er vanaf hing en tikte zelfs een aantal keer hard met het blik op de snijplank.
Al wat er gebeurde was dat het vrouwtje een rood hoofd kreeg van het schudden maar verder helemaal niets.
Ze kneep een paar keer aan alle zijkanten van het blik en deed een nieuwe poging om het stuk Smac uit het blik te krijgen.
Ik volgde al haar keukenprinses eigenschappen met volle aandacht.
Het vrouwtje zette het blikje op het aanrecht, sneed met een mes rondom de smac in het blik en pakte het blik weer vast.
Met alle kracht die ze had schudde ze heel hard en toen ineens schoot het volledige blok in volle vaart uit het blik.
Niet op de wachtende snijplank maar op de grond.

Het leek een slowmotion scene, ik hoorde ergens vertraagd Neeeeeee en daarna dingen als lóóóóós, stoóóóóp ,hiéééér, blijjjjjjjjf en meer woorden.
Echt goed te verstaan was het vrouwtje niet want ik was weg gerend met het volledige blok Smac tussen mijn tanden.
Zo fijn dat ze een hoge bank hebben gekocht waar ik prima onder pas.
Het vrouwtje riep los maar ze had moeten weten dat dit een heel eigenwijs stuk Smac was. Hij wilde bij het vrouwtje al niet uit het blik en nu wilde hij ook echt niet uit mijn bek.
Het vrouwtje lag op haar buik voor de bank en keek boos toe hoe ik, op veilige afstand van haar, een paar happen uit het blok Smac weg kauwde. Ze begon te jammeren dat ze maar éėn blikje in huis had.

Wel vervelend dat ik het stuk Smac niet rustig op kon eten want dan geniet je er meer van.
Het vrouwtje roept altijd dat ik niet moet schrokken als ik vlees eet maar nu moest ik wel omdat ze met ferme stem zei dat ik moest komen.
Tijdens kauwbewegingen is het al om bekend dat je dan minder goed hoort.
Ineens stond ik naast haar, likte langs mijn lippen, vloog in haar armen en kwispelde hard.
Het vrouwtje zei: “ik mag toch hopen dat je niet het volledige blok hebt opgegeten”.
Geen idee waar ze anders dacht dat de Smac gebleven was maar ze hoefde zich geen zorgen te maken.
Ik had niks geknoeid en ik wist zeker dat zij dit stuk uit mijn bek echt niet meer had willen gebruiken.

Daarom was het maar goed dat ik er voor gezorgd had dat we niets weg hoefden te gooien.
Het vrouwtje zei dat ik geen eten hoefde want ik had mijn vlees wel binnen.
Wat een onzin, baas zegt altijd dat Smac geen vlees is dus ik lustte heus nog wel eten.
Vrouwtje ging verder in de keuken en ik dook lekker op de bank.
Ik draaide op mijn rug en ging eens lekker uitbuiken.
Kook maar even alleen hoor vrouwtje, misschien kun je er groenten in doen, veel gezonder zegt de baas en die kan het weten.
Ik ga even heerlijk na genieten van “Oma’s-macaroni-schotel.”

 

Ik ga me, tot de baas thuis komt, maar even alleen vermaken.

 

Op die manier vergeet het vrouwtje weer dat ze geen nostalgische oma macaronischotel kon eten.

 

Ik zorg wel dat ze wat te doen heeft dan wordt ze vanzelf weer blij.

 

Je kan bijna opruimen hoor vrouwtje, nog even geduld.

Mag ik even wat vragen baas?

Macaroni met groenten zijn toch veel gezonder?

 

Zie je wel, veeeeel gezonder.

 

Wees maar blij dat je mij hebt!

Meneertje 366

Woensdag 8 januari 2020. Meneertje 366

Mijn boek is  bij de drukker en hopelijk komt hij eind van de maand terug en kunnen we mijn boek begin februari gaan verzenden.
Voordat het boek naar de drukker ging was het vrouwtje heel veel bezig met  uitzoeken welke verhaaltjes ze in het boek wilde hebben , ze moest alle verhalen omzetten van pages naar Word, foto’s uitzoeken en teksten lezen en corrigeren.  Om dat te doen zat ze veel  achter de computer.
Soms lag ik dan bij haar op de computertafel maar ook wel op mijn eigen bankje.  Deze schoof ze dan tegen het bureau aan zodat ik vlak bij het vrouwtje kon liggen. Zo kon ze me af en toe even knuffelen.

Omdat ze veel stil zat, had ze het koud en pakte ze haar elektrische minimatje.
Dat matje kreeg ze van Sinterklaas en was eigenlijk bedoeld als verwarmer op de momenten dat ze rugpijn zou hebben.
Het vrouwtje had nu helemaal geen rugpijn maar ze ging er op zitten en zei tegen de baas: “wat slim van mij hè, dit is heerlijk warm.”
Na een tijdje moest ze naar het toilet en legde de baas het matje op mijn bankje.
Mijn vrouwtje had helemaal gelijk, dit was héééééérlijk warm.
Het kleedje was net iets te kort voor mijn complete lijf maar ik paste er wel grotendeels  op.

Toen ze terug kwam moest ze lachen.
Ze zei: “lig je lekker vent?”
Nou, deze vent lag zeker lekker en ik bleef liggen ook.
Dat scheen dan weer niet helemaal de bedoeling te zijn
Het vrouwtje wilde het warme matje terug maar daar was ik het niet mee eens.
Ze had inmiddels al warme billen en nu was het mijn beurt.
Ik had het matje tenslotte van de baas gekregen dus nu was het mijn beurt om lekker warm te worden.

 

Ga maar gewoon zonder warmtekleedje op je stoel zitten hoor. Straks mag jij hem weer.

 

Je kan mij wel aankijken vrouwtje maar het is nog geen straks.

 

Hoezo het is jouw kleedje? We hebben het op sinterklaasavond samen uit gepakt.

 

Dat maakt het een gezamenlijk cadeau hoor.

 

Wacht, ik heb een goed idee: “jij geeft mij een onsje rosbief, dan mag jij weer een poosje op het warmtekleedje.”

 

Jij vind dat een waardeloos idee?

 

 

Dan moet je het zelf maar weten.

 

Ik ga even lekker slapen.

 

*Snurk* *ZZZ* *Snurk*

 

Het vrouwtje tilde mij op en droeg me naar de grote bank.

 

Ze wikkelde mij in een schapenvachtje en dat was ook wel heel lekker

 

Roep maar als we aan de koffie gaan.

 

Soms moet je even moeite doen voor een lekker plekje maar….dan heb je ook wat.

Wij hebben Oud en Nieuw niet thuis gevierd maar in een Bed & Breakfast.
Thuis was het vreselijk want ze waren al een paar dagen aan het knallen en ik vond dat steeds enger worden.
Het leek wel of er een oorlog was uitgebroken.
Ik wilde niet meer naar buiten en besloot alles op te sparen zodat ik in één keer alles uit kon plassen om daarna weer gauw terug naar huis te hollen.
Uiteindelijk poepte ik zelfs een keer in huis, zo bang was ik.
Poepen kost tijd en dat was nu echt uitgesloten.
Ik wilde zo snel mogelijk naar huis al leken daar de ramen ook uit hun sponningen te klappen.
Het vrouwtje besloot iets rustgevends te bedenken en begon de keer daarop keihard te zingen tijdens het uitlaten.
Of nou ja, ze noemde het zingen maar het was meer een soort van oorverdovend krijsen.
Volgens het vrouwtje hoorde ik dan de knallen niet zo erg.
Echt raar want die hoorde ik wel degelijk en nu waren er twee vreselijke geluiden, vuurwerk en haar gekrijs.
Waarschijnlijk heeft ooit iemand tijdens oudjaar voor zijn teckel gezongen en is zo het woord gillende keukenmeid ontstaan.
Buiten het feit dat ik er niet rustig van werd liep ze ook straal voor gek.
Als ze mensen tegen kwam moest ze natuurlijk gewoon doorzingen omdat ik anders het idee zou hebben dat het een truukje was.
Alsof ik dat al niet wist.

De baas zei tegen het vrouwtje: “zullen we lekker met Oud & Nieuw in een stille omgeving gaan zitten?” Het leek mij het beste plan van 2019 en zo togen we met Oud & Nieuw naar een boerderij in de middle of nowhere.
Wat heerlijk om eindelijk een lekkere boswandeling te maken zonder dat ik schrok.
Het duurde even voor ik het echt geloofde maar toen liep ik mee en kon eindelijk weer eens ongestoord mijn behoefte doen.
We hadden een geweldige kamer zonder televisie in de stijl van de jaren 40.
De baas en het vrouwtje genoten beiden en vonden het zo nostalgisch.
Alsof zij die periode hadden mee gemaakt.
Ze zijn best oud maar zo oud nu ook weer niet. Ze hadden wel WIFI en zo kon de baas toch lekker televisie kijken.
Voor het vrouwtje was deze rustige omgeving ook heel handig want zij moest mijn boek corrigeren dus daar had ze nu uitgebreid de tijd voor.
Ik dook tegen 23.00 uur lekker in het bed van de baas en het vrouwtje en werd wakker toen ze elkaar gelukkig nieuwjaar wenste.
Als zij elkaar kussen wil ik er standaard bij zijn, ook in 2020.
Wat een genot om elkaar, zonder Strijkers, Gillende Keukenmeiden, Grondbloemen en andere rotjes, gelukkig nieuwjaar te kunnen wensen.

Het vrouwtje belde met mijn grote mensenzus en grote mensenbroer maar kon ze amper verstaan omdat zij wel keihard geknal om zich heen hadden.
Bij ons was er alleen geluid uit de Ipad.
Ik stel voor dat we elk oud en nieuw hier gaan doorbrengen.
Dat zal helaas niet gebeuren want dit jaar moet het vrouwtje met Oud & Nieuw werken.
Dus moeten we maar heel hard hopen op een vuurwerkverbod.
Zonde van al het geld wat er aan die akelige herrie word gespendeerd.
Als mensen dan perse geld over de balk willen smijten mogen ze het wel op mijn rekening storten dan koop ik er lekker botjes, vleesjes en speelgoed van.
Die 70 miljoen is voldoende om al mijn teckelvriendjes een leven lang van lekkers en moois te voorzien.