Meneertje 386

Woensdag 27 mei 2020 Meneertje 386

Het vrouwtje moet al bijna weer een week gaan werken en dat is jammer want het blijft heel mooi weer.
Ik had het net zo fijn met mijn vriend Guus in ons Paradijsje.
We gingen al op donderdag want de baas was ook vrij.
Dus…. toen het vrouwtje thuis kwam van haar werk, sprong ze onder de douche en een uur later zaten we in ons Paradijsje.
Gelijk werd er een rondje tuin gedaan want het vrouwtje zag meteen dat er een aantal pioenrozen open waren gegaan.
Ik hoorde ohhhh kom kijken, een mooie hommel op onze pioenroos.

 

Ze was helemaal trots dat er al vier pioenrozen open waren.

 

Het bijenhotel is ook vol met eitjes van nieuwe bijen.
Tevreden begon het vrouwtje met het uitpakken van alle spullen.
De baas deed zijn schoenen uit en stopte zijn sokken erin en ging buiten vegen en de kussens op de stoelen doen.
Ik zat buiten op mijn stoel te wachten tot het zwembad gevuld zou worden.
Dat deed de baas want hij had het warm en het gewone zwembad op ons park is nog niet open.
De baas houdt enorm van zwemmen dus hij kan niet wachten tot het zwembad op het park weer gevuld zal worden.
In mijn bad kan hij niet zwemmen maar bij gebrek aan een echt zwembad is het wel een lekkere verkoeling.

Het vrouwtje vroeg of de baas even met mij wilde wandelen dan zou zij de bedden opmaken en de kleden op de bank leggen en waren ze tegelijkertijd klaar.
Dat wilde de baas wel maar zei ineens: “waar is mijn ene sok?”
Het vrouwtje riep vanuit de slaapkamer: “geen idee schat, ik heb ‘m niet.”
Nou ik had de sok ook niet, ik lag braaf op de stoel.
Toch kwam hij bij mij kijken en vroeg waar ik hem had gelaten.
Zeg, volgens mij was overduidelijk dat ik hier gewoon rustig lag en ik geen sok in mijn bek had.
Misschien moet je je spullen beter opruimen en ze niet overal laten slingeren dan ben je ze ook niet kwijt.
De baas zei dat het heel gek was en dat er echt nog maar eentje in zijn schoenen zat terwijl hij er toch echt twee had uitgedaan.
Nou hup trek die ene sok aan en laten we gaan wandelen.
Beter iets dan niets toch?
Je wilt toch niet dat ik in de tuin plas?
Dan zou ik maar opschieten.
Doe je badslippers maar aan, daar kan je ook prima het bos mee in.
Maar de baas wilde dat niet en haalde nieuwe sokken.

Vrijdag waren opa en oma al vroeg bij ons en liepen we met een cadeau naar de papa van Guus.
Hij was jarig en we gingen voor het tuinhekje ‘Happy Birthday to you’ zingen.
We konden helaas niet op visite want de baas en het vrouwtje moesten weg en opa en oma gingen in het Paradijsje op mij passen.
Maar de papa en mama van Guus vonden het wel leuk dat we kwamen zingen.

 

Gelukkig kwamen ze de dag erna eindelijk weer een keertje echt op visite.
Tot nu toe bleven de papa en mama van Guus aan het hekje staan want dat moest vanwege de Corona tijd.
Nu was het tijd om weer gezellig op bezoek te komen.
Uiteraard wel netjes op veilige afstand van de baas en het vrouwtje.
Natuurlijk niet van mij, ik mocht gewoon knuffelen en op schoot.
Mijn vriend en ik hebben sinds kort beiden dezelfde halsband van http://parastoer.nl/
Mooi hè? Nu zijn we echte vrienden met vriendschapsbandjes om.

 

De mama van Guus had weer een heerlijke pot met snoepjes mee.
Ze zette deze op tafel en voor dat iedereen er erg in had zat ik er al naast.
Doe maar open dan kunnen we er lekker aan beginnen.
Vrouwtje zit ver weg en mag niet dichterbij dus gewoon niet luisteren naar haar gemopper.
De mama van Guus pakte de pot echter op en zette hem op het grasveld.

 

Eerst kreeg mijn vriend er eentje. En heus, twee stukjes is er maar eentje hoor.

 

Daarna kreeg ik er eentje en zo ging het om en om. Heel fijn.

 

In de verte hoorden we het vrouwtje al weer mopperen en ze zei tegen de mama van Guus,: “als je niet stopt, pak ik de plantenspuit en spuit ik jou nat.”
Geef er nog maar snel een paar want dat meent ze echt hoor.

 

Rennen, daar komt ze aan.

 

De mama van Guus ging ook met ons spelen op het gras.

 

Lekker rennen, ik houd daar van en mijn vriend Guus ook.

 

Toen ze weer ging zitten heeft Guus nog even geprobeerd of we nog wat lekkers mochten maar het vrouwtje antwoordde dat het genoeg was.
Echt stom, hij vroeg het toch aan zijn eigen mama, niet aan mijn vrouwtje

 

Ik heb het ook nog geprobeerd maar de mama van Guus fluisterde dat ik, net als altijd, aan het hekje nog wat lekkers zou krijgen.

 

Dus speelden we lekker samen tot ze weggingen

 

Zoals beloofd kreeg ik wat lekkers door het hekje heen

 

Doe er maar 3 sttttt ze ziet het van die afstand toch niet.
Dank je wel voor het lekkers.

 

Komen jullie snel weer terug? Tot gauwwwww.

Meneertje 385

Woensdag 20 mei 2020 Meneertje 385.

Afgelopen week moest het vrouwtje heel hard lachen terwijl er helemaal niets te lachen viel.
Waarschijnlijk lachte ze van de zenuwen want het was een uiterst gevaarlijke situatie.
Het monster had mijn vrouwtje wel aan kunnen vallen of op kunnen eten.
Het gele gevaarte zat bij onze overburen voor de deur.
Ik zag hem pas toen we terug kwamen van onze wandeling.
Toen wij boven op de patio aankwamen lagen er veel speeltje van de buurkinderen.
Daar houd ik van en soms probeer ik een bal van ze te pikken want ze hebben enorme leuke kleine plastic balletjes.
Ik leg dan altijd mijn hoofd op de bal en kijk of het vrouwtje het ziet.
Helaas ziet ze bijna alles en zegt dan: “nee Meneertje, die bal is van de kindjes”.
Nou, wij hebben toevallig hele lieve buurkindjes dus die vinden dat heus niet erg.
Die willen altijd met mij spelen en komen ook regelmatig vragen of ik buiten bij hen op de patio met een tennisbal kom spelen.

Ik holde dus vast vooruit richting ons huis om te kijken of er nog iets leuks lag om mee te spelen.
Het vrouwtje liep een eind achter mij en zag mij ineens stokstijf stil staan en hoorde me hard grommen.
Daarna zette ik het op een loeihard blaffen en zag ik in mijn ooghoek dat het vrouwtje snel dichterbij kwam.

Ik had mijn staart tussen mijn benen gestoken omdat je toevallig nooit weet of zo’n monster staarten af bijt.
Om indruk op het monster te blijven maken wisselde ik het blaffen met gevaarlijk grommen af.
Pas op vrouwtje, hier zit  een vreselijke griezel.
Het vrouwtje luisterde niet naar mijn waarschuwingen en stond ineens naast me en begon hard te lachen.
Ze zei: “wat ben je toch een bange poepsok”.
Poepsok? Dat ben ik niet want dat woord bestaat helemaal niet.
Het vrouwtje tikte met haar voet tegen het monster aan en zei: “kijk, hij doet niks”, “zijn gezicht heeft zelfs een grote glimlach.”
Ze pakte het gele monster van de grond en zei: “kijk, dit is een skippybal schat, een skippybal met een vrolijk gezicht.

 

Geen idee waar het over ging want ik was weg gerend en stond voor onze eigen voordeur.
Het vrouwtje bleef lachen en draaide de voordeur open en ik rende naar binnen.
Ze deed haar jas uit en zei dat ik een pantoffelheld was.
Ik heb echt een raar vrouwtje, laatst had ik een pantoffel vast en toen vond ze me in het geheel geen held.
Zelf vond ik het de beste uitvinding van de eeuw.
Ik had de pantoffel van de baas vast als een draagtas.
Trots als een pauw liep ik, met mijn staart kaarsrecht ophoog, met de pantoffel van de baas in mijn bek rond.

Het vrouwtje zag me vanuit haar ooghoeken voorbij wandelen en zei: “wat spook jij uit?”
Nou helemaal helemaal niks, ik liep gewoon met mijn eigendom voorbij.
Het vrouwtje was een andere mening toegedaan en vond dat ik de pantoffel moest loslaten.
Ze zei dat de baas echt niet blij zou worden als ik zijn pantoffel zou stukbijten.
Ik kreeg dus kennelijk al beschuldigingen naar mijn hoofd terwijl ik alleen maar rond liep met zijn pantoffel.

Het vrouwtje zei nogmaals dat ik de pantoffel moest loslaten en kwam naar mij toegelopen.
Ze probeerde de pantoffel af te pakken en ik greep hem nog steviger beet en holde weg.
Ik hoorde haar al mopperend zeggen: “is het nou klaar, los hoor, geef die pantoffel terug.”

 

Ineens zag ze waarom ik niet wilde loslaten.
Mijn zogoflex speeltje zat in de pantoffel en zo was het een mooi draagtasje om mijn favoriete speeltje heen.
Ook al vond ze het heel grappig, ik moest de pantoffel toch inleveren.
Echt jammer want het was een super leuke uitvinding.
Gelukkig was het tijd voor koffie met koekjes en daarna mocht ik lekker bij het vrouwtje op schoot omdat ze online ging vergaderen.
Leuk hoor luisteren naar al die stemmen.
Ik draai regelmatig mijn koppie scheef omdat ik dan denk dat ze het tegen mij hebben.

 

 

Het vrouwtje moet vannacht nog werken en als ze dan morgen thuis komt gaat ze niet slapen maar vertrekken we gelijk naar ons Paradijsje.
De baas en het vrouwtje zijn 5 dagen samen vrij dus dat wordt een heel groot feest.
Dat zijn de betere vooruitzichten, lekker genieten met z’n drietjes van ons eigen stekkie.

Ik ga vast goed bijslapen want dan kan ik straks weer lekker rennen in mijn bos, zwemmen in mijn eigen zwembad, spelen met een ballon en mijn vriend Guus weer zien.
Kom maar op met vijf dagen vakantie.

Meneertje 384

Woensdag 13 mei 2020 Meneertje 384

In het park waar ons Paradijsje staat, woont aan de overkant een hondenmeisje met de naam Muis.
Het is een soort klein herdershondje en tot nu toe had ik haar alleen als puppy gezien.
Toen was ze vreselijk druk en lomp, dus had ik niet zo heel veel interesse in een ontmoeting.
Zeg nou zelf, wie zit er te wachten in een paar vlijmscherpe speelse tanden in je oor of grote puppy poten die je rug als trampoline gebruiken?
Ik niet, dus ik liep er elke keer met een grote boog omheen.
Tot afgelopen weekend.
Wij waren aan het wandelen in mijn bos en ineens kwam de overbuurvrouw met Muis aan gewandeld.
Mijn vrouwtje liep aan de ene kant van het zandpad en het vrouwtje van Muis aan de andere kant van het zandpad.
Onze looplijnen zorgden er voor dat wij wel bij elkaar konden komen.
Wat een mooie dame was ze geworden en wat rook ze lekker.

Muis ging per direct op haar rug liggen en zo kon ik eens uitgebreid aan haar snuffelen.
Ze kwispelde vriendelijk en wat rook ze verrukkelijk.
Muis lag rustig en deed helemaal niet  wild meer, ze vond het allemaal prima.
Na een poosje zei mijn vrouwtje: “nou Meneertje, je hebt haar vacht er zo’n beetje af gesnoven, we gaan weer verder.”
Hoezo, we? Ze ging maar mooi alleen wandelen, ik ging absoluut niet mee, ik bleef lekker bij Muis.

Het vrouwtje probeerde haar zin door te drijven en begon te lopen.
Ik zette me schrap.
Ze lokte mij met een lief stemmetje maar ik had al besloten dat ik niet met haar mee wilde.
De lijn stond inmiddels strak en het vrouwtje zei: “dan moet je het zelf weten en liep verder terwijl ze mij achter zich aantrok”.
Ik ging er bij zitten en trok met mijn billen mooie brede sporen in het zand.
Het vrouwtje keek achterom en zei: Loop nou mee Meneertje, mensen denken dat ik je aan het mishandelen ben”
Geen idee hoe ze dit anders zou wilde noemen maar dit was toch ook gewoon wat er aan de gang was?
Ze trok mij achter zich aan terwijl er overal zand ging zitten. Vreselijk mishandeling.

Het vrouwtje van Muis zei: “ik loop wel een stukje met je mee.”
Wat een geweldig plan.
Mijn vrouwtje liep links van het pad en Muis haar vrouwtje wandelde rechts van het pad.
Muis liep in het midden op het zandpad voorop en ik er vlak achteraan, met mijn neus omhoog onder haar staart.
Het vrouwtje begon te jammeren en zei: “wat vreselijk dit tafereel”, “Meneertje loop nou eens gewoon door.”
Dat deed ik ook maar ik wilde niets van haar geur missen.
Muis vond het ook gezellig en ging er weer bij liggen.
Het vrouwtje vond dat dit niet op schoot maar die is al snel ongeduldig.
Ze pakte me op en zei; “je mag best samen lopen maar Muis gaat met haar vrouwtje aan de rechterkant van het pad en wij gaan links.

Nou, ik dacht het niet.
Ik ging aan de lijn hangen en bleef elke keer trekken richting Muis.
Muis was inmiddels weer gewoon gaan lopen en snuffelde aan het mos.
Wij liepen er volgens het vrouwtje bij alsof ze mij gekidnapt had en mij weg sleurde van mijn veilige haven.
Ze was blij dat ik een teckel was en geen Deense Dog anders had ze nu als Mary Poppins achter mij aan gefladderd.
Het vrouwtje zei tegen mij, dat wandelen zo echt niet leuk was.
Nou ik vond het persoonlijk wel een hele leuke wandeling maar ik zou het prettig vinden al ze mij los zou laten, dan hoefde ik ook niet zo te trekken.
De hele weg terug naar het park heb ik moeite gedaan om weer bij Muis te komen.
Muis liep met sierlijke tred voor mij uit en ik liep al hijgend met mijn tong ver uit mijn bek, te hangen aan mijn halsband.

Toen we eindelijk weer bij de baas terug waren zei hij: “hebben jullie lekker gewandeld?”
Het vrouwtje zei met een verhit hoofd: “we hebben slechts een kilometer gelopen en verder hebben we de grond geploegd, onkruid van het middenpad gesleept en zwaan kleef aan gespeeld.”
De baas had geen idee waar het over ging en vroeg aan mij of ik wilde ophouden met piepen bij het tuinhek.
Ik stond op mijn achterpoten rechtop tegen het hekje aan en probeerde de geur van Muis te vangen.
Het vrouwtje begon te zuchten en zei: “nu is het jouw beurt, hij heeft last van zijn hormonen en is verliefd op het over-buurmeisje, Sterkte”
De baas zei: Kom Meneertje we gaan koffie met koekjes doen.”
Mooi dat ik niet kwam, ik had het veel te druk met Muis duidelijk maken dat ik achter het hekje op haar aan het wachten was en piepte er luid op los.
Pas na lange tijd besloot ik mijn “post” te verlaten en te kijken of er nog koekjes over waren.
De rest van de tijd kwamen we Muis niet meer tegen maar ik heb het sterke vermoeden dat het vrouwtje elke keer ging wandelen als zij al uit was geweest.

Kijk wie afgelopen dagen in ons Paradijsje hebben gelogeerd. Mijn grote mensenzus en haar verloofde.

 

Ze hebben ons opgewacht. Dat is gezellig.

 

Mijn grote mensenzus knuffelen is altijd feest.
Het vrouwtje wil dat ook maar dat mag niet dus doe ik het voor haar.

 

Natuurlijk ook knuffelen met de aanstaande man van mijn grote mensenzus.

 

Als jullie straks terug komen dan is het eten klaar. Gaan jullie maar een lekkere lange wandeling maken.

Het vrouwtje ging alles uitzetten. De loungebank, het zwembad en de parasol.

Ondertussen stond de soep lekker op een laag vuurtje te trekken.

Vrouwtje ging in bad en ik speelde lekker met de hammamdoek op de bank.

Jahaaaa, ik doe heus voorzichtig.

Je mag je er heus aan afdrogen…. straks, want voorlopig is hij van mij hoor.

Koffie met koekjes maken Paradijsdagen helemaal af. Het vrouwtje gaat nu een week werken en dan kunnen we  weer terug.

Meneertje 383

Woensdag 6 mei 2020 Meneertje 283

Afgelopen zaterdag zijn we naar oma in het verpleeghuis geweest.
We mochten niet naar binnen maar het vrouwtje had knuffels bij zich en deze gingen we bij haar slaapkamer raam afgeven.
Er was één knuffel voor oma en één knuffel voor de koekjesmevrouw.

 

Het vrouwtje belde met het personeel en de verzorgster deed het raam open.
Ze pakte de knuffels en een boek voor oma en vervolgens gingen we, met het raam open, met oma praten.

 

Ik mocht ook vanaf een veilige afstand naar oma kijken.
Het liefst was ik bij haar op bed gesprongen maar dat mocht niet van het vrouwtje.

 

Helaas wisten we niet welk slaapkamerraam van de koekjesmevrouw was want ik weet zeker dat ik dan een koekje van haar had gekregen.
Misschien wel 6 koekjes want ik heb al heel lang geen koekjes van haar gekregen. Oma was blij dat ze ons even echt kon zien aan het open raam want het gaat niet zo goed met oma.
Het is natuurlijk ook heel verdrietig als je 86 bent en er mag helemaal niemand bij je op bezoek komen.

 

Na het raam bezoek aan oma vertrokken we naar het Paradijsje.
We gingen lekker een lang weekend logeren want de baas was ook 3 dagen vrij.
Het weer zat mee en dan is het dubbel zo leuk in het Paradijsje.
Allereerst moest de baas een extra bijenhotel ophangen want alle buisjes van de twee insectenhotelletjes, waren bijna allemaal gevuld.

 

De baas hing deze op en het vrouwtje ging aan de slag met het schoonmaken van de eet en drinkplaats van de vogeltjes en eekhoorntjes.
Niet omdat er net in het nieuws was geweest dat er veel pimpelmezen doodgaan vanwege een virus, het vrouwtje doet dat standaard.
Ze wil dat alles schoon is dus krijgen de schommel met voedselbak en de fontein altijd een goede poetsbeurt.
Alle vogels worden daar blij van want ze drinken uit de fontein.
En…dat niet alleen…laatst was de merel heerlijk aan het badderen in de fontein.

 

Op zaterdagavond kwamen er op een gegeven moment twee eekhoorntjes aan en ik had ze natuurlijk gelijk in het vizier.
Zolang ze in mijn bomen zitten vind ik het allemaal prima maar er word niet door die malle pluimstaarten in mijn tuin gelopen.
Ik ben altijd alert. De baas moest heel hard lachen toen ik uiteindelijk de grondeekhoorn mijn tuin uit joeg.
Het vrouwtje vind dat niet leuk en zegt dat ik heel lief moet zijn.
Dat ben ik maar er zijn grenzen. Kijk maar eens:

 

 

Opa en oma kwamen ook even langs in het Paradijsje en dat was groot feest.
Oma had in haar tas een stukje aluminiumfolie en daar had ze een plakje kookworst in zitten.
Wat heerlijk om ze beiden weer even lekker te kunnen knuffelen.
Oma ging ook nog een stukje met mij wandelen. Dat is altijd gezellig
.

 

Kijk, opa en oma zitten op de nieuwe kussens.
Daar had ik thuis goed op gepast en nu waren ze eindelijk mee naar het Paradijsje.

 

Eerder hadden we deze bruine en die gaan nu op de stoelen achter de caravan.
En, op mijn stoel want ze willen liever niet dat ik op de nieuwe kussens mijn bot ga kluiven.
Die regel was dezelfde middag al over want jullie snappen dat ik natuurlijk gewoon in de stoel naast oma wilde zitten.

 

Thuis hebben we trouwens ook kussens.
Twee hele mooie langwerpige kussens staan er op onze bank.
Ik mag niet aan die kussens komen maar op één of andere duistere wijze hebben die een enorme aantrekkingskracht op mij.
Daar kan ik niets aan doen, ze lonken gewoon altijd of ik met ze kom spelen.
Jullie snappen dat ik die roep niet  kan negeren.
Vooral als ik net gegeten heb moet ik altijd even hard aan een kussen schudden en er  in bijten.
Dat mag absoluut niet en dan roept het vrouwtje: “Meneertje NEE, het zijn NIET jouw kussens.”
Alles delen is niet echt een competentie van het vrouwtje hoor, ik woon hier toch ook?
Wat mij betreft moet je dan ook alles delen, dus zij een kussen en ik een kussen.
De baas had laatst al gezegd: “gooi die kussens overdag toch in de kast dan kan hij er ook niet mee klieren.”
Maar eigenwijs dat ze is. Echt niet normaal.
Ze zei dat de kussens op de bank bleven en ik er niet aan mocht komen en dat daarmee de kous af was.
Geen idee over welke sok ze het had maar als ze die kwijt wilde, dan mocht ze hem wel aan mij geven.
Ik ben dol op sokken.
Op een gegeven zei ze tegen mij: “waar is het kussen?”, “net lagen er nog twee op de bank en nu is er eentje weg.”
“Hoe kan dat?”

 

Ik had geen idee waar ze het over had. Ik lag op het voetenbankje en had absoluut geen kussentje bij me.

 

Het vrouwtje zocht, en zocht en zocht maar ze zag hem nergens.
Ze keek zelfs in de kast of de baas soms één kussentje in de kast had gegooid.
Dit was niet het geval en ze zei dat ze gek werd.
Nou laat ik haar troosten dat werd ze niet dat was ze al lang, dus niks aan de hand.
Ze kreeg het er warm van en deed haar badjas uit en gooide die op de bank.
Het vrouwtje ging op de grond liggen en zag ineens het kussen onder de bank liggen.
Ze rekte haar arm uit en probeerde het kussen te pakken terwijl ik haar hoorde mopperen dat ik  niet aan haar kussens mocht komen, ook niet stiekem onder de bank.

 

Het kussen lag verder onder de bank en ze kreeg hem niet goed te pakken.
Ze rekte en strekte en eindelijk had ze hem vast.
Met een rood hoofd stond ze op en terwijl ze het kussentje terug zette op de bank zei ze: “en nu niet meer aankomen Meneer de Koekepeer.”
Ik hoefde dat kussen ook helemaal niet.
Ga jij maar lekker tegen dat kussen zitten hoor, dan neem ik je badjas wel.