Meneertje 377

Woensdag 25 maart 2020. Meneertje 377

De baas stond op het balkon en ging de ramen wassen.
Geen idee waarom want het was helemaal nodig om schone ramen te hebben.
Sinds het corona virus is uitgebroken, valt er weinig te kijken.
Er zijn namelijk niet echt heel veel mensen op straat.
Echt jammer want het is super leuk om naar ze te blaffen.
Het was ook helemaal niet handig dat ramen gewas.
Mijn hele raam was door alle waterdruppels heel erg wazig en het leek alsof het keihard geregend had.

 

Ineens viel er wel wat te blaffen.
Vlak voor mijn ogen verscheen er een heel leuk wollen geval die ik heel graag nader wilde onderzoeken.
Ik begon hard te blaffen en te kwispelen.
De baas haalde hem expres voor mijn ogen heen en weer.
Dat was een leuk spel.
Het vrouwtje zei dat ik niet hoefde te gaan wafkippen omdat ik de raamwisser niet kreeg.

 

Sinds het Corona virus is uitgebroken mag je best naar buiten om even te wandelen of boodschappen te doen maar mag je niet met te veel mensen bij elkaar zijn.
In het bos zijn best veel mensen maar in mijn bos loopt bijna niemand.
Dus togen we naar het Paradijsje.

 

De baas en het vrouwtje wilde heel graag van alles in de tuin doen en hij was vorige week de hele woensdag vrij, dus dat was super leuk.
Mijn baas maakte de dakgoten van de caravan en de schuur schoon en het vrouwtje ging de hoezen soppen van de lounge set en van de kussenbak.

 

Ik nam de honneurs waar vanaf het voetenbankje op het lekkere warme vest van het vrouwtje.
De zon scheen en uit de wind was het zalig toeven.

 

De baas had zijn korte broek al weer aan.
Natuurlijk dronken we lekker koffie met luxe koekjes in het zonnetje.
Na de koffie gingen zij weer aan het werk en viel ik heerlijk in slaap.

 

Na een middag schoonmaken was het tijd voor mijn bos.
Helemaal niemand kwamen we tegen en dat is geweldig.

 

De baas zocht twee stokken en toen kon het feest beginnen.

 

Ik ben razendsnel en rende elke keer hard achter mijn stok aan en bracht hem dan heel snel terug om weer achter de volgende aan te rennen.

 

Er zijn heel veel bomen omgekapt.
Waarschijnlijk waren dat zieke bomen maar met de takken is niks mis hoor, die waren prima om mee te gooien.

 

Al kwam mijn tak tussen een berg andere takken terecht, ik wist precies welke de baas gegooid had.
Ik rende keihard heen en weer en als ik dan bij de baas terug kwam en hij gooide niet snel genoeg een stok, dan zette ik het op een blaffen.

 

Volgens het vrouwtje wafkip ik met een erg schel geluid.
Ze vind dat niet fijn omdat ik dan alle dieren in het bos afschrik.

 

Echt onzin want het is mijn bos dus mag ik zo hard blaffen als ik zelf wil.

 

Na een hele poos hing mijn tong ver uit mijn bek en zei het vrouwtje dat het tijd was om terug te gaan..

 

Ik had er nog lang geen genoeg van want ik had lang geslapen, dus kon ik nog wel een paar uur rennen.
Gelukkig bleef de baas stokken gooien tot aan het ruiterpad.
Daar moest ik aan de riem.

 

Natuurlijk nam ik mijn stok mee.
Dat doe ik altijd maar als we eenmaal bij het Paradijsje aankomen dan verdwijnt op één of andere duistere wijze mijn stok.
Ik mag hem namelijk niet hebben om op te kauwen maar de baas zegt altijd: “als we naar het bos gaan dan nemen we hem weer mee.”
Het rare is dat mijn stok dan nooit te vinden is.

 

Gelukkig heeft het bos altijd weer een hele grote lading nieuwe stokken dus maakt het ook eigenlijk niks uit.

 

Toen we terug kwamen was het een stuk frisser buiten en gingen we allemaal naar binnen.
De baas ging koken en het vrouwtje en ik zaten gezellig op de bank.

 

Zo fijn dat we al een beetje aan het seizoen zijn begonnen.
Wat mij betreft kunnen we niet vaak genoeg naar ons Paradijsje gaan.
Ik kan niet wachten tot ze de bedden gaan opmaken want dan gaat het écht weer beginnen.

 

Ik hoop maar dat het Corona virus snel weg gaat want door dat stomme virus kunnen opa en oma aankomend weekend niet mee naar ons hutje aan zee.
Wij gaan wel want of we nu daar zijn of in ons eigen huis, dat maakt niet uit en we kunnen dan wel lekker naar mijn eigen strand.
Op mijn strand is het altijd rustig.
Zelfs in de zomer zijn er niet zo veel mensen.
Wij gaan lekker wandelen en spelen en hééééél misschien wel zwemmen in zee.

Ook al heb ik heel veel zin in dit weekend, ik ben wel verdrietig dat opa en oma niet mee kunnen.
Gelukkig heeft het vrouwtje al tegen opa en oma gezegd dat ze van de zomer, als we twee weken naar zee gaan, mogen komen.
Dan blijven ze een paar dagen logeren.
Eigenlijk nog wel net zo leuk want als het mooi weer is kunnen we ook weer lekker in de tuin zitten.

Probeer, ondank alles, toch wat van elke dag te maken.
Maak er een feestje van met worstjes, kaasjes en koekjes.

Meneertje 376

Woensdag 18 maart 2020 Meneertje 376

Er is van alles aan de hand in de wereld en het Corona virus is nu ook in ons land.
Daarom kunnen we opa en oma niet zo vaak zien maar gelukkig kan ik het niet overbrengen en kan ik lekker wel naar opa en oma toe.
Ook mag ik gewoon uitgebreid knuffelen en dat vind iedereen fijn.
Afgelopen vrijdag en zaterdag was ik bij opa en oma omdat onze tuin van het Paradijsje werd klaar gemaakt voor het nieuwe seizoen.
De baas en het vrouwtje gingen al heel vroeg naar ons Paradijsje en ik kon niet mee omdat ik dan in de weg zou lopen.
Het hekje kon nu gewoon open blijven en hoefde niemand op mij te letten.
Wat mij betreft helemaal prima want al die apparaten maken enorm veel herrie en bij oma krijg ik sowieso veel meer lekkers.

Er werd keihard gewerkt. Kobus en Daan deden de heg en de baas reed alle losse rommel weg met de kruiwagen.
Het vrouwtje ging naar het tuincentrum met een plantenlijstje van de hovenier zodat ze deze later konden poten.

Na uren werk kon er een waterpas boven op de heg worden gelegd.
De mini plantjes, bolletjes en stekjes zijn allemaal gepoot.
Wat is het allemaal weer super netjes voor elkaar.

Het vrouwtje liet filmpjes van de tuin zien aan opa en oma en vroeg of ze het leuk vonden om te komen kijken. Nou dat wilde ze wel natuurlijk.
Ik reed met opa en oma naar ons Paradijsje en het vrouwtje zei: “als we allemaal afstand houden is er niets aan de hand”.

Zo gebeurde en dus konden we heerlijk genieten van de tuin.
Oma vertelde dat ik de weg herkende en hard begon te piepen toen ze het dorp in reden.
Dat dorp ligt nog best een eindje van ons Paradijsje maar ik herken heus alle bochtjes er naar toe en het bospad al helemaal.

Dank je wel voor het oppassen oma.
Ik ga straks weer met de baas en het vrouwtje mee naar huis en dan is het heel erg jammer dat je mij geen knuffels meer kan geven.
Ook geen worstjes en koekjes, dus mocht je nog wat in je zak hebben zitten dan wil ik die best hebben hoor.

Iedereen draagt zijn steentje bij in deze moeilijke tijden.
Ze zeggen dat je weerstand goed blijft als je veel beweegt.
Daar kan ik dan weer heel goed bij helpen.

Dus………rennen maar.

Oma heeft heel veel met mij gespeeld en nu mag ze lekker rusten en genieten van het voorjaarszonnetje.

Jij hoeft ook niet te rennen hoor opa, maar de baas wel.

Probeer mijn bot maar af te pakken baas.

Ik hou van heel hard rennen.

jaaaaa, daar zijn de mama en papa van Guus.

Ze mogen geen zoen aan de baas en het vrouwtje geven maar wel aan mij hoor.

Ik ben zo blij dat ik ze zie.
De mama van Guus zei dat ze heel blij was dat ze mij wel mocht knuffelen en dat ze mij heel hard gemist heeft.
Natuurlijk had ze heel veel lekkers bij zich.

Pssst, heb je nog meer koekjes bij je? Het vrouwtje blijft vanwege de Corana heel ver bij je vandaan, dus die kan nu toch niet goed opletten.

Op zondag wilden mijn grote mensen broer met zijn vriendin en mijn grote mensen zus met haar verloofde gezellig langs komen en omdat we ook die dag in het Paradijsje waren kwamen ze allemaal naar de Veluwe. Zo leek het of we er al logeerden maar dat was nog niet het geval.
Het vrouwtje zegt dat het echt nog te koud is. Gelukkig kwamen ze wel allemaal ook al was het frisjes.

Ik vind het geweldig als ze er allemaal zijn en knuffelde ze om en om.

Kom, we gaan aan tafel en ja, ik wil op schoot want het is nu veel te koud op de grond.

Ook al is het nog geen zomer, we hebben de spits van het nieuwe seizoen afgebeten.
Ik kan niet wachten tot we er weer gaan logeren.
Het vrouwtje ook want de baas heeft het vogelhuisje opgehangen en gelijk kwamen er pimpelmeesjes kijken dus ze hoopt vurig op een nestje kleine pimpelmeesjes.

Meneertje 375

Woensdag 11 maart 2020. Meneertje 375

Het is bijna zover, vrijdagavond mag ik lekker bij opa en oma logeren.
Altijd een groot feest om een nachtje bij opa en oma te mogen slapen.
Misschien heeft oma nog wat kookworst over van de trouwdag van de baas en het vrouwtje.
Gelukkig weet het vrouwtje niet dat ik daar altijd heel veel lekkers krijg.
Wel zegt het vrouwtje dat ik na een logeerpartij dat ik altijd vreselijk moet afkicken.
Dat afkicken zou helemaal niet nodig zijn als ze hier ook iets scheutiger zouden zijn met al het lekkers.
De baas en het vrouwtje gaan vrijdagavond weg en zaterdag gaan ze al heel vroeg naar het Paradijsje want dan komen de hoveniers onze heg snoeien.
Laten ze alles maar snel in orde maken want ik ben heel erg toe aan een nieuw seizoen vol luieren in de zon, genieten van mijn zwembad, spelen met mijn vriend Guus en wandelen in mijn bos.

Het vrouwtje was afgelopen week een dag lang heel bezorgd.
Ze zei tegen de baas dat ze geen idee had wat er met mij was maar dat er wel iets moest zijn.
Ik wilde niet eten, zelfs geen koekjes.
Af en toe is het zo mega onhandig om een vrouwtje te hebben die verpleegkundige is.
Ze had al in mijn oren gekeken, er aan geroken, in mijn bek gekeken, aan mijn buik gevoeld maar kon niet zo gauw iets vinden.
Urenlang lag ik op mijn uitkijkeiland, naar buiten te staren en een beetje te piepen en regelmatig stond ik bij de voordeur en wilde dan naar buiten.
Het vrouwtje dacht dat ik misschien een blaasontsteking had en lette goed op of ik kleine plasjes deed maar dat deed ik helemaal niet.

Ik trok haar naar het grasveld, stak mijn neus in het gras en bleef stokstijf staan terwijl ik de lente op snoof.
Ze zei: “ga maar plassen lieffie”.
Stttt, ik sta hier te genieten van het voorjaar, wil je mij niet storen.
Soms duurt het eeuwen voordat het kwartje valt maar uiteindelijk kreeg ze het door.
Ze zei: “je bent helemaal niet ziek, je ruikt een loops teefje.”
Sta ik hier voor gek met mijn pollepel om urine op te vangen.
Daar had ze gelijk in want ik vond het persoonlijk ook volslagen krankzinnig om te gaan wandelen met een pollepel maar ik kijk bij het vrouwtje helemaal nergens meer van op.
Als je met een plantenspuit gaat wandelen kan er ook prima een pollepel bij.
Voor mijn part nam ze de fruitschaal mee uit wandelen als ze mij maar rustig liet snuiven en snuffelen.
Wat een heerlijk grasveld, elke grasspriet rook zalig.
Het vrouwtje vond het welletjes en zei: “we gaan gewoon terug naar huis want je bent net nog uitgebreid naar buiten geweest en we blijven niet aan de gang.”
Ze ging maar alleen naar huis, ik stond hier prima en wilde lekker op het grasveld blijven snuffelen.
Zoals altijd moest het vrouwtje haar zin doordrijven en dus pakte ze mij op en droeg me naar huis.
Het vrouwtje deed mijn riem af en hing die op het haakje, daarna deed ze haar schoenen uit en begon toen te zuchten.
Ik was zachtjes aan het piepen op de deurmat en gaf aan dat ik hoognodig naar buiten moest.
Ze zei: “je kan piepen tot je een ons weegt maar het is klaar, we gaan pas over vier uur weer naar buiten.”

En jawel om vier uur mocht ik dan eindelijk uit.
Misdadig gewoon, ik had heus aangegeven dat ik echt eerder uit moest maar ze was niet te vermurwen.
Het was jammer dat ik niet hoefde te plassen anders had ik als wraak tegen de voordeur aan geplast.
Maar goed eindelijk was het dan vier uur.
We liepen onze normale route en toen we terug kwamen bij het grasveld naast ons huis wilde ik niet meer verder.
Het vrouwtje zei: “we gaan niet weer een uur aan de grassprieten vastgekleefd zitten Meneer de Koekenpeer.
Je bent uit geweest en we gaan nu terug naar huis.
Ik deed of ik naar huis liep maar sloeg toen linksaf en begon aan de wandeling die we ’s avonds altijd lopen.
Dat mocht van het vrouwtje, ze zei dat ze best nog wel een stuk wilde lopen maar dat we niet wazig naar de grassprieten gingen kijken.
Jullie snappen dat we aan het eind van het rondje wederom uitkwamen bij mijn grasveld en ik snoof nog even snel een heerlijk geurtje op en toen ineens zat ik op de arm van het vrouwtje.
Het vrouwtje was er klaar mee, ik nog laaaaaaaang niet maar we zijn het zelden eens.
Binnen plofte ze op de bank en ik keek vanaf mijn uitkijk eiland naar buiten en piepte zachtjes.
Het vrouwtje zei dat het een hele lange avond ging worden en dat ik die fluit uit mijn neus mocht halen want we gingen nog lang niet uit.
Jan en Bertus kwamen op visite en dat is fijn want dan konden die mooi met mij wandelen.

 

Bertus wil jij met mij wandelen?

 

Hoezo jullie hebben zelf honden genoeg om uit te laten?
Ik moet nodig hoor.

 

Wil jij dan met mij uit Jan?

 

Zullen we dan maar gaan spelen met mijn favoriete speeltje?

 

Ik zie hem heus wel.

 

Nu Jan en Bertus weer naar huis zijn, zullen we dan nu uit gaan?

 

Meneertje 374

Woensdag 4 maart 2020. Meneertje 374

Vandaag zijn de baas en het vrouwtje 32 jaar getrouwd.
Ik dacht, dat wordt een hééééél groot feest, dus ik zat al vol verwachting klaar en keek waar de slingers waren.
Die hingen er niet en het vrouwtje ging die ook niet ophangen.
Ze zoenden elkaar en zeiden: “waar blijft de tijd.”
Dat vroeg ik mij ook af, waar bleven de koekjes want het was al lang tijd en tenslotte ook feest.
Het duurde niet lang voor ik in de gaten kreeg dat er echt geen familie feest ging komen.
Echt stom want ik vind 32 jaar getrouwd zijn echt wel reden tot een mooi feest met koekjes, taartjes, worstjes en stukjes kaas.
Gelukkig hoorde ik van het vrouwtje dat opa en oma straks wel komen.
Zij vieren altijd alle feestjes en zó hoort dat ook.
Als opa en oma er zijn is het standaard feest, daar hoef je echt niet zoveel jaar voor getrouwd te zijn.
Oma heeft altijd koekjes bij zich en staat al in de gang klaar met een paar lekkere koekjes.
Daarna doet oma haar jas uit en mag ik heel langdurig met oma en opa knuffelen tot het vrouwtje de koffie klaar heeft.
Van het vrouwtje krijg ik dan altijd mijn drie mini koekjes bij de koffie en als ik die op heb zegt oma altijd: “van mij heb je nog niks gehad hé schatje?”
En als oma dat zegt dan is het zo.
Ja, wel in de gang maar nog niet bij de koffie hoor.
Ik kan niet wachten tot ze er zijn.

Het vrouwtje kwam vorige week thuis uit haar werk en zei tegen de baas: “de rook om mijn hoofd is verdwenen.”
De baas begreep er niets van en keek vol vraagtekens naar het vrouwtje.
Het vrouwtje vervolgde haar verhaal en zei: “de auto wilde niet starten op mijn werk en toen hij het uiteindelijk wel deed kwam er heel veel witte rook”
“Niet een klein beetje, nee onvoorstelbaar veel rook, de hele auto was omgeven door een dik gordijn van witte rook.”
Omdat er in de auto geen waarschuwing-lampje ging branden, besloot het vrouwtje gewoon naar huis te rijden.
Het vrouwtje schoot in de lach en zei: ” volgens mij denkt de volledige A12 dat er een nieuwe paus is gekozen.”
De baas kon er niet om lachen en belde met de garage waar onze auto vandaan komt.
De garagehouder wist nog niet wat het was maar wat hij wel zeker wist, dat witte rook niet heel veel goeds betekende en dat de minst erge schade rond de € 1500,00 zou kosten en in het allerergste geval, een hele nieuwe motor, rond de € 5000,00 zou kosten.
Toen de meneer van de garage een dag later terug belde, hoefde ook het vrouwtje niet meer te lachen.
We rijden nu in een leenauto en de garage gaat een nieuwe motor in de auto zetten.
Ik vind de leenauto best heel erg leuk want ik hoef nu niet op de achterbank te zitten omdat mijn autostoel in onze eigen auto zit.
Los op de achterbank vind het vrouwtje levensgevaarlijk dus dat was geen optie.
Daarom mag ik elk ritje voorin bij het vrouwtje op schoot zitten en dat is geweldig.

Deze vrije week van het vrouwtje is echt heel saai.
Het vrouwtje moet binnenkort examens doen en is veel aan het leren en heeft niet heel veel tijd voor mij.
Echt jammer en omdat ze zich daarover schuldig voelt gaat ze elke keer met mij naar buiten om met een tennisballetje te spelen.
Dat is ook terecht want ik kan er ook niks aan doen dat zij moet leren.
Het is ook goed om je af en toe even te ontspannen en natuurlijk veel te knuffelen met mij en dat kan prima tijdens het leren.
Eigenlijk is het stiekem wel oké dat het vrouwtje zich schuldig voelt want ik krijg elke dag een mooie grote ballon en normaal krijg ik die af en toe.
Ik ben dol op punch-ballonnen en kan daar uren mee spelen.
Omdat ik doorlopend op het tuitje van de ballon kauw, loopt hij na een aantal uren leeg en zo komt het dat ik elke dag met een ander kleurtje mag spelen.
Ballonnen zijn niet alleen heel erg leuk speelgoed maar ook erg feestelijk.
Ik ga nog even met mijn gele feest ballon spelen tot opa en oma er zijn, dan kunnen we lekker taart en koekjes eten en toch een beetje vieren dat de baas en het vrouwtje 32 jaar getrouwd zijn.